ACHTERKAMERTJESZONDE
Oude bekende spijtoptanten ruiken de politieke piste
LEONARD ORNSTEIN en MAX VAN WEEZEL
Nog twee WAO-debatten, nog een week openbaar gesjoemel met democratische procedures, en we hebben het tweede kabinet-Drees weer terug. Hoe bonter de huidige generatie het in Den Haag maakt, des te ongeduldiger wordt een groep oud politici en wat daar zoal omheen hangt; juristen, hoogleraren, vrije beroepers, hoge ambtenaren. Maar ook jongere politici die de oude verstarring wel eens willen doorbreken en bij voorbeeld zonder het CDA willen regeren. Als een goedige langharige rashond blijft dat CDA voor de haard liggen terwijl de purperen coalitie er bij nacht en ontij op uit trekt om iets nieuws te beginnen.
Iets nieuws, maar wát? En met wie? André van der Louw is er weer eens bij, de long distance runner van de Nederlandse politiek. En Jan Nagel, die ook weer eens wat wil. Voor wie oog heeft voor het absurde, wordt het weer leuk z'n Nederland.
Er dreigt gevaar voor de democratie. Het gevestigde politieke bestel maakt een ernstige midlifecrisis door - en van sommige partijen (zoals de PvdA) is het nog maar de vraag of ze die zonder kleerscheuren te boven zullen komen. Radicale veranderingen zijn broodnodig. De kloof tussen politicus en burger moet worden gedicht. Eén man heeft dat tijdig gesignaleerd - daar is hij door het rijk ook voor ingehuurd: mr. Arthur Docters van Leeuwen, net als VNO-voorzitter dr. Alexander Rinnooy Kan 'snurkend lid' van de vernieuwingspartij D66, maar in het dagelijks leven vooral hoofd van de BVD. De pleitbezorger van meer openheid binnen de dienst, die geen geheim maakt van zijn mening dat de moderne spion met beide benen midden in de maatschappij moet staan, omringt zich graag met visionaire figuren en veranderingsgezinde denkers. Onlangs voorzag hij zijn dienst van een klankbordgroep die behalve bisschop Ernst van Breda ook de hoogleraren dr. Arie van der Zwan (ondernemingsbeleid en management), mr. Theo van Boven (internationaal recht) en mr. dr. Herman van Gunsteren (politieke filosofie) omvat.
Eind december was het BVD-hoofd ('noem mij maar Docters') een van de sprekers op een congres dat de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in de Amsterdamse Beurs van Berlage belegde over het thema eigentijds burgerschap. Ook daar stond de gapende kloof russen de politiek en de samenleving ter discussie. Professor Van Gunsteren was de organisator van de bijeenkomst. De voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam, drs. Jan Karel Gevers, leidde levendig de discussie. Docters van Leeuwen had die twee eerder dat jaar ook al ontmoet: op donderdagavond 20 augustus m kasteel Nijenrode in Breukelen. Daar kwam een select gezelschap professoren, parlementariërs, bestuurders en topambtenaren bijeen om zich gezamenlijk zorgen te maken over de teloorgang van het publieke debat. Oud-VVD-minister drs. Neelie Kroes, voorzitter van het college van bestuur van Nijenrode, fungeerde als gastvrouw. Initiatiefnemer mr. Henk Zeevalking (die zichzelf voorstelde als 'oud-amateur-acteur, oud-voorzitter van het college van bestuur van de Technische Universiteit Delft en oud-minister') sprak de denktank-in-wording toe.
Naast Van Gunsteren, Gevers, emerirus hoogleraar en D66-senator mr. Jan Glastra van Loon, voormalig vice-president van de Hoge Raad mr. Huib Drion, secretaris-generaal van het departement van Sociale Zaken Helen de Maat en voorzitter van de Emancipatieraad drs. Greetje den Ouden nam ook Docters van Leeuwen ('ik ben hoofd van de BVD, maar dat is geen vak') het woord over de huidige malaisetoestand. De lage opkomstpercentages bij de laatste staten- en raadsverkiezingen illustreerden de geringe animo bij de burger om deel te nemen aan de besluitvorming, analyseerde hij feilloos. Die apathie werd ook veroorzaakt door het onvermogen van de politieke partijen om de kiezers te bereiken. De goed geïnformeerde jurist somde een reeks van fenomenen op waar voor de overheid haar ogen gesloten hield: de slavernij' in de topnatenkassen, schoonmaakbedrijven, de prostitutie en illegale naaiateliers, de georganiseerde misdaad, de drugshandel, de volksverhuizingen, ontstaan door nationalistische oorlogen en armoede in grote delen van de wereld. De rechtsstaat had daar tot zijn leedwezen geen grip meer op: 'De burger ziet dat de overheid overal naar kijkt behalve waar zij naar zou. moeten kijken.' Het BVD-hoofd legde niet zijn analyse bij de andere prominenten van de groep-Zeevalking veel eer in. In deze onzekere tijden komt iemand met een frisse blik nu eenmaal als geroepen.
Maandag 8 februari vergaderde de Politieke Club (zoals de harde kern van de groep-Zeevalking zich noemt) bij Glastra van Loon thuis in Den Haag. Aan hooggeplaatste Nederlanders ontbrak het ook dit keer niet. Eerste-Kamer-voorzitter Herrnan Tjeenk Willink - ook van de verlichte soort - gaf acte de présence. De hoogleraren dr. Joest 't Fart (strafrecht in Leiden) en dr. Roei in 't Veld (bestuurskunde in Rotterdam) waren aanwezig. Adjunct-hoofdredacteur mr. Marc Chavannes van NRC Handelsblad ook. Het gezelligheidsdier Jan Karel Gevers was uiteraard van de partij. Mevrouw Kroes moest het helaas laten afweten.
De Politieke Club beraadde zich op de nabije toekomst. Het doel, de Nederlandse tegenhanger van Amerikaanse think tanks als het Brookings Institution worden, leek nog niet in zicht. Maar de behoefte aan een veranderingsgezinde groepering die zonder ideologische voorgenomenheid of confessioneel uitgangspunt de in hun eigen machtsweb verstrikte politieke partijen concurrentie kon aandoen, bleef duidelijk - in elk geval voor de initiatiefnemers. Aan de orde kwam verder of er fusiebesprekingen moesten worden geëntameerd met de concurrerende Club van Schiermonnikoog opgericht door bezorgde ondernemers 'Eckart Winzen van hei automatiseringsbedrijf BSO, crisismanager Johan Schaberg en Wouter 'Mickey' Huibregtsen van het organisatieadviesbureau McKinsey en journalisten Jurriaan Kamp, ook af van de NRC die sinds de vorige zomer al op zoek zijn naar een nieuw persoonlijk, maatschappelijk en ecologisch evenwicht. De gelijkenissen zijn frappant. Net als Zeevalking cum suis zijn Wintzen en de zijnen uitgekeken op de traditionele partijen met hun vergaderingen in rokerige achterzaaltjes. Zij zien meer brainstormen in de vrije natuur.
De 'Club van Schier' en de groep-Zeevalking beweren allebei niet naar macht te streven, maar naar het ontwikkelen van een visie. Toch werd maandag besloten geen fusiegesprek aan te gaan. Jan Karel Gevers, na afloop van het beraad van de Politieke Club: 'De achtergronden verschillen te veel. Wij zijn een genootschap van bestuurlijk angehauchte intellectuelen. We kennen elkaar uit het ambtelijk-politieke circuit. We willen ons ook beperken tot de onderwerpen die daar leven. De aanhangers van "Schiermonnikoog" zijn voor het grootste deel afkomstig uit het bedrijfsleven. Hun invalshoek is anders. Zij hebben het niet alleen over het functioneren van de overheid, maar pleiten ook voor een totale mentaliteitsverandering. Wij hebben minder behoefte om ons eigen zielenleven in te duiken. Bovendien verdenk ik Kamp en Wintzen ervan dat zij toch politieke ambities koesteren. Ons doel is bescheidener: gewoon als verstandige mensen onder elkaar over vernieuwing discussiëren.'
Ook de toenaderingspogingen van D66-voorman Hans van Mierlo, die het initiatief van zijn partijgenoot Zeevalking onmiddellijk omarmde, vielen bij de Politieke Club niet in goede aarde. Gevers: 'Wij zijn nu juist opgericht omdat we vinden dat het huidige politieke bedrijf zichzelf heeft overleefd. Waarom zouden we in hemelsnaam dan onze toevlucht zoeken tot een politieke partij? Als je ons op onze achterste poten wilt krijgen, moet je daarover beginnen.'
De vernieuwingsbeweging heeft zich dus voorgenomen om zelfstandig door te gaan. Binnenkort worden bijeenkomsten gehouden over thema's als het functioneren van de democratie, de Europese eenwording en (surprise, surprise) het vreemdelingenbeleid. De 'Club van Schier' bereidt intussen publicaties voor over de gezondheidszorg, het onderwijs en de sociale zekerheid. Het cluborgaan, NRC Handelsblad, gaf begin deze week al een proeve van de ontwikkeling van het denken in die kring. Zo stelden de dynamische, veranderingsgezinde ondernemers en managers onder meer voor het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking op te heffen en het budget van Jan Pronk onder de burgers te verdelen. Die kunnen van dat geld dan een Foster Parents Plan-kindje nemen. Ook andere vormen van overheidsoptreden werden niet langer nodig geacht. Dat kon de burger zelf toch wel? Op Schiermonnikoog wordt tenminste nog in het goede in de mens geloofd!
De politieke vernieuwingsbewegingen, de think tanks, de brain trusts, ze schieten als paddestoelen de grond uit. Afgezien van de Club van Schiermonnikoog, de groep-Zeevalking en de denktank achter Koot en Bie zijn sinds de WAO-zomer van 1991, toen het vertrouwen in de politiek een voor Nederlandse verhoudingen dramatisch dieptepunt bereikte) achter elkaar opgericht: het Democratisch Offensief waarmee Jan Schaefer en zijn trouwe kompaan Jaap Boersma Jan met de Pet weer voor het politieke bedrijf wilden interesseren, het Sociaal-democratisch Vernieuwingsplatforn van Andre van der Louw en zijn Sancho Panza Jan Nagel (naar de aanvankelijke plaats van samenkomst ook wel de Rode Hoed-groep genoemd), de nieuwe partij Solidariteit '93 van oud-vakbondsleider jaap van de Scheur (65) en secretaris G. Driessen (72), de Rotterdamse Stadspartij van de criminoloog en dichter Manuel Kneepkens en de groepering Stad Haarlem van de schrijver Louis Ferron (die door de plaatselijke pers reeds als een Vaclev Havel aan het Spaarne werd omschreven, zie ook het stuk van Hans Smits in VN van 16 januari).
Dat is het ongeveer - tenminste tot dusver. De ontstaansgrond van al die groeperingen ligt voor de hand: de politiek verkeert in een crisis. Bij de verkiezingen van 1990 en 1991 nam nauwelijks vijftig procent van de bevolking nog de moeite zich naar het stemlokaal te begeven. Anders dan Greenpeace en Amnesty International zien de gevestigde partijen hun ledental gestaag maar zeker dalen. Vooral onder jongeren is de politiek niet meer in trek. De meeste partijen doen zelfs geen zichtbare moeite meer aanhangers onder de veertig te werven. De bezoekers van de kroegen en de volkskoffiehuizen geven net zo hard op de politiek af als die van de multifunctionele centra in de betere buitenwijken en de universiteitskantines. Bijna niemand kan de waterige compromissen die in Den Haag worden gesloten nog volgen - of het nu om de WAO, de wet gelijke behandeling, de euthanasie of het huurwaardeforfait gaat. De kritiek uit alle hoeken van de maatschappij is vrijwel gelijkluidend: de politiek heeft geen visie meer. De politici maken hun critici op hun beurt uit voor calculerende burgers die alleen maar van de overheidsvoorzieningen proberen te profiteren.
Geen wonder dat er nieuwlichters opstaan die dat gat tussen Den Haag en de rest van Nederland willen dichten. Die zich aanbieden om die kloof te overbruggen. Die het koesteren van idealen weer vooropstellen. Maar dat wil nog niet zeggen dat al die initiatieven ook kans van slagen maken, dat al die bloemen, die nu uit de knop komen, ooit ook zullen bloeien. Met het Democratisch Offensief (de groep-Schaefer) liep het voorspoedig zolang er maar in algemene termen over de afstand tussen de Haagse politiek en de gewone man kon worden gepraat.
Vanaf het moment dat er eigen standpunten moesten worden ingenomen, werd het meteen een stuk moeilijker (bovendien onderging de groep-Schaefer een gevoelige aderlating toen haar sympathisant van het eerste uur Dig Istha overliep naar de groep-Rottenberg, zoals je de PvdA van dit ogenblik zou kunnen noemen. Hij is daar nu partijwoordvoerder).
Het Sociaal-democratisch Vernieuwingsplatform (de groep-Van der Louw) was tot nog toe geen gelukkiger lot beschoren. Ook Van der Louw en de zijnen werden lelijk in de wielen gereden door het voorzittersduo Rottenberg-Vreeman dat het vaandel van de vernieuwing liever in eigen handen nam. Maar dan vanuit de partijtop. De clubs van Zeevalking en Wintzen - die het meer om het brainstormen dan om het machtsspel gaat - worden weer door een ander gevaar bedreigd: hun vaagheid. De aanhangers van Zeevalking verwijten de sympathisanten van Wintzen zweverigheid, maar die beschuldiging komt als een boemerang bij henzelf terug. Volgens de notulen van de bijeenkomst op kasteel Nijenrode in augustus 1992 (waarop we de hand wisten te leggen) kwam het gezelschap ook weer niet veel verder dan het uitspreken van vage intenties als 'de Club zou een soort reserve in crisistijd kunnen worden, wanneer institutionele normen en waarden wegvallen' (Van Gunsteren) en 'de Club kan uitgroeien tot een bindend element, een oriëntatiepunt in deze chaotische samenleving' (Den Ouden). Van veel kanten werd de vrees uitgesproken dat de groep-Zeevalking niet meer dan één van de vele debatingdubs werd waaraan Nederland rijk is. Zo benadrukte de oud-raadsheer Drion dat 'de hoeveelheid symposia en studiedagen nu al niet meer te overzien is'.
Initiatiefnemer Zeevalking legde de vinger op een andere zere plek: een Nederlandse pendant van het Amerikaanse 'Brookings Institution' zou vreselijk veel geld kosten. 'Dan moeten we Freddy Heineken er toch echt bij hebben,' concludeerde hij aan het eind van de avond. Maar ja, die heeft al zijn eigen eenmansgroep gevormd.
Leidt de plotselinge vernieuwingsdrang politiek dus tot niets? Dat valt nog te bezien. Want in alle stilte is André van der Louw weer met iets nieuws bezig: een platform dat de gedachte aan een kabinet zonder het CDA nieuw leven wil inblazen. Die gedachte is niet origineel: zo'n vijftien jaar geleden werd de droom van een 'purperen coalitie' van PvdA, VVD en D66 al door het Des Indes-beraad gekoesterd. Maar dat ideaal heeft wel aan actualiteit gewonnen sinds de politieke escapades van Lubbers en Brinkman rond de WAO het anti-CDsentiment bij zowel de sociaal-democraten als de liberalen hebben gevoed (zoals de belofte voor de toekomst van de VVD, het kamerlid Robin Linschoten, in VN van 30 januari jongstleden zei: 'Ik ben altijd voor zo'n purperen coalitie geporteerd geweest. Die coalitie komt door dit soort ervaringen dichterbij').
Ook over zijn 'paarse coalitie' wordt volop gedelibereerd. Ondanks de verzekering van Jan Karel Gevers dat de groep-Zeevalking liever aan onderzoek dan aan politiek wil doen, valt bij het doornemen van de ledenlijst op dat zich onder het selecte gezelschap uitsluitend aanhangers van de PvdA, de VVD en D66 bevinden. Geen CDA'ers. Aangezien de groep elk ideologisch of confessioneel vertrekpunt verwerpt, worden die ook expliciet uitgesloten. Bovendien biedt de groep-Zeevakng onderdak aan een aantal personen die ook weer in nauw contact met de vriendenkring rond Van der Louw staan. Dat zijn bijvoorbeeld Helen de Maat (als 'SG' op Sociale Zaken de hoogste ambtenaar van de bewindslieden De Vries en Ter Veld, maar zelf lid van D66), Chel Mertens (oud-D66-kamerlid en nu werkzaam als 'directeur van enige bv's) en Ferry Houterman (oud-campagneleider van de hoog gestegen maar ook diep gevallen liberale fractieleider Ed Nijpels, gemeenteraadslid voor de VVD in de hoofdstad en managementsconsultant). Met zijn drieën maken zij ook deel uit van de voorbereidingsgroep die het platform voor een paarse coalitie gestalte wil gaan geven. Tot dat genootschap behoren verder onder meer André van der Louw, Jan Nagel en Jan-Dirk Dorrepaal (namens de groep-Van der Louw), Jan Schaefer en Jaap Boersma (namens de groep-Schacfer), Rick ten Have (D66-wethouder in Amsterdam) en Anne Ljze van der Stoel (fractievoorzitter van de VVD aldaar). Tot zijn overlijden volgde ook de geestelijke vader van de gedachte aan een 'paarse coalitie', de Amsterdamse liberaal Huub Jacobse, de beraadslagingen. Er hebben al een paar vergaderingen plaatsgevonden. Voor donderdag 11 februari stond er weer een gepland. Op de agenda stond dan de vraag of er later dit voorjaar (mogelijk in samenwerking met de jongerenorganisatjes van de betrokken partijen) een openbare bijeenkomst zou worden gehouden waar gepassioneerde voor- en tegenstanders van een kabinet, zonder het CDA de degens konden kruisen.
Ferry Houterman bevestigt desgevraagd dat hij van beide groeperingen (de groep-Zeevalking en het platform voor de paarse coalitie) deel uitmaakt: 'Al mag je ze niet door elkaar halen. De groep-Zeevalking ijvert in zijn algemeenheid voor het ontstaan van een nieuwe politieke cultuur. Voor het creëren van een voedingsbodem voor politici die niet alleen generalistisch denken, maar ook op de grote problemen van de toekomst gericht zijn. Voor politici die niet alleen een helicopter-view, maar ook een telescope-view hebben.' De managementconsulrant: 'Het platform heeft een andere doelstelling: het klimaat rijp maken voor een paarse coalitie en die gedachte onder de eigen achterban verspreiden.'
Houtermans fractievoorzitter Van der Stoel erkent ook dat ze met André van der Louw in gesprek is: 'Het klimaat is rijp voor zo'n initiatief. Deze groep kan daar openlijker voor uitkomen dan het Des Indes-beraad destijds.' Waaraan zij met een verwijzing naar de eerdere bijeenkomsten van Van der Louw in de voormalige schuilkerk De Rode Hoed toevoegt: 'Als het om een regering zonder het CDA gaat, kunnen we onze sarnenscholingen voortaan 'alleen beter ergens anders dan in een kerk houden.'
Voormalig D66-parlementariër Mertens is hartstochtelijk aanhanger van de groep-Zeevalking. Zo hartstochtelijk zelfs dat hij zegt: "Je zou het ook de groep-Mertens kunnen noemen." Maar hij denkt ook mee met de oud-rebellenleider binnen de Partij van de Arbeid: 'Ik ben de liaison-officer tussen Henk Zeevalking en André van der Louw.' Van alle door ons benaderde vernieuwers is Mertens de enige die eerlijk toegeeft dat hij op deze manier ook weer op het politieke toneel hoopt te verschijnen: 'Ik denk dat ik Eerste-Kamerlid word. Ik weet wel bijna zeker dat dat lukt.'
De sociaal-democratische meesterkomplotteur Jan Nagel heeft iets meer tijd nodig om het bestaan van het paarse platform te bevestigen. Maar na enige aarzeling zegt hij sober: 'Het klopt.' Nagel geeft toe dat het streven naar een regering zonder het CDA pas recent bij Van der Louw en hem naar boven is gekomen. Vorige jaar ging het de Rode Hoed-groep nog om een strenge, maar ook solidaire PvdA. Over een coalitie met de liberalen en de democraten werd toen nog met geen woord gerept. Is Van der Louws nieuwste initiatief niet gewoon door modieusheid ingegeven? Nagel: 'Het is wel waar: dit is voor ons pas iets van de laatste periode.'
De nestor van alle vernieuwing André van der Louw zelf, drukt dat een slag anders uit: 'Toen Rottenberg en Vreeman aantraden, hebben wij voor de politieke windstilte gekozen. Daar kunnen we langs deze weg misschien weer uitkomen. Het klopt dat de paarse coalitie een nieuw issue voor mij is. Maar we hebben deze koers al in het najaar uitgezet tijdens een besloten vergadering van het Sociaal-democratisch Vernieuwingsplatform in De Lantaarn in Rotterdam.' De voormalige PvdA-voorzitter, alsof hij over duizenden manschappen beschikt: 'Toen bleek al dat dit voor onze leden punt nummer één was.'
Eén zorg delen alle pioniers van de politieke vernieuwing met elkaar: zullen zij er - anders dan gevestigde partijen - wél in slagen de jeugd te bereiken? Zullen hun pleidooien voor diepgaande debatten, onafhankelijk onderzoek en coalities zonder het CDA daarvoor inspirerend genoeg blijken te zijn? Mooi dat er een nieuwe generatie vernieuwers is opgestaan, maar het kan niemand ontgaan dat sommige van hun namen wel érg bekend in de oren klinken. Moet de verandering werkelijk verwacht worden van emeritus hoogleraren, senatoren, voormalige bewindslieden, raadsheren in ruste, volksvertegenwoordigers-in-de-vut en veteranen uit de jaren zestig? Voorlopig geldt voor de nieuwlichters net als voor de gevestigde partijen (zie de wonderbaarlijke come-back van Marcel van Dam): wie in Nederland oud is, heeft de toekomst.

