ECKARTS NOTES. Click here to read more and order!

‘Arrogant? Wij noemen het zelfbewust’

Nov 30, 2000 (Elan , Ronald Buizenhuis )
IMN ziet definitief af van beursgang: dossier gesloten

Hoewel het beursklimaat vervaarlijk kan schommelen en slechte winstcijfers direct worden afgestraft, blijft een beursnotering voor veel ondernemingen een aanlokkelijk perspectief. Toch is de beslissing om wel of niet naar de beurs te gaan, zeker voor de kleinere spelers, een regelrechte kopzorg. ELAN volgde de afgelopen maanden IT-speler IMN bij de voorbereidingen op een eventuele notering, hoewel de beslissing ook negatief kon uitvaten. Deze maand het laatste deel van `Dossier Beursgang'.

Het IT-bedrijf Informatie Management Nederland wilde groeien, maar hoe deze groei te financieren? Beursgang, participatiemaatschappij, allianties? Wikken en wegen in het eerste jaar van een nieuw millennium. De laatste episode van de ontwikkelingen bij IMN.

Feitelijk zijn alle scenario's die het afgelopen jaar de revue passeerden, door IMN van tafel geveegd. De beursgang is in de ijskast gezet, de participatiemaatschappijen waarmee gesproken werd, zijn geen vaste gast meer op landgoed Sandenburg en eventuele alliantiepartners is de wacht aangezegd. En dus zou je een ontgoochelde directie verwachten. Niets blijkt minder waar. 'Achteraf kunnen we alleen maar blij zijn dat het zo gegaan is. Nu we alle mogelijkheden hebben bekeken om onze groeiplannen te financieren, hebben we nog duidelijker voor ogen hoe we het echt willen', stellen Arthur Meerwaldt en Emile van Valen samen vast. Ze beschouwen het afgelopen jaar als een ervaring die ondergaan moest worden, waarbij ze met meer geluk dan wijsheid de ICT-misère op de beurs aan zich voorbij konden laten gaan. Hadden ze de beurs plannen een half jaar eerder opgepakt, dan had IMN nu misschien op het Damrak genoteerd gestaan. Het geluk van de winnaar? Gered door de tijd? Toeval? Van Valen is realistisch: 'In zekere zin zijn we safed by the bell.' Meerwaldt, filosofischer: 'Ik denk dat we het toeval heb ben georganiseerd.' Deze laatste uitspraak zegt iets over de directeur-grootaandeelhouder van IMN. Hij noemt zichzelf geen filantroop of idealist (`het draait echt wel om business'f , maar onderscheidt zich graag. In die zin heeft hij iets van Eckart Wintzen, de gewezen topman van BSO die in de jaren negentig roem verwierf met zijn cellentheorie. Emile van Valen: 'Ik denk zeker dat er analogieën zijn tussen die twee.' Dan moeten we het vooral zoeken in zaken als: aandacht voor mensen en het credo `geld is ook niet alles'. Volgens Meerwaldt deelt het gros van de medewerkers de mening van de directie dat een beursgang dit jaar niet wenselijk was. `Mensen die hier werken vinden geld niet het allerbelangrijkste. Daarentegen zie je ze wel op een zondag met de familie op het landgoed rondrijden om te laten zien hoe mooi het hier is.'

Loyaliteit
De buitenwacht zal dit soort uitspraken van IMN opvatten als rechtpraten van de teleurstelling dat de beursgang niet doorging. Iedere ICT-er in loondienst wil anno 2000 toch opties en veel geld verdienen? Meerwaldt: 'IMN-ers hebben ook nu al opties en we hebben inmiddels een interne markt ontwikkeld. Maar daar gaat het niet om. Ik ben er heilig van overtuigd dat er nog oude waarden als loyaliteit en een gevoel van verbondenheid bestaan. Kijk, Cor Boonstra doet geweldig werk als je zijn beleid op aandeelhouderswaarde beoordeelt. Maar is hij ook bezig met de toekomst van Philips op lange termijn? Ik ben een ondernemer met een lange termijn-doel. Ik heb geduld en veel vertrouwen in dit bedrijf. En passant groeien we wel met een gezonde twintig procent per jaar. Dit bedrijf is van de mensen die er werken. Ik probeer een inspirerende cultuur te bouwen. Noem het idealistisch, ik denk dat het een visie is die ook anno 2000 bestaansrecht heeft. Arrogant? Ik noem het liever zelfbewust.' Dat neemt niet weg dat de wens tot kwalitatieve en kwantitatieve groei aanwezig blijft. Ook IMN acht schaalgrootte van belang. Dus blijft de vraag: hoe financiert het bedrijf die? Uiteindelijk lijkt IMN toch weer bijoude bekenden terecht te komen: participatiemaatschappijen. Maar anders dan een jaar geleden wordt nu scherper gekeken naar met wie het bedrijf in zee wil gaan. Had IMN een jaar geleden toch een beursgang op middellange termijn op het oog, dat pad is nu definitief verlaten. De beursgang staat niet langer op de agenda. En dus is ook het lijstje investeringsmaatschappijen gewijzigd. Door de participanten die geld willen fourneren om er zo snel mogelijk geld uit te halen, ging een dikke streep. Van de longlist van twaalf kandidaten bleven er drie over, participanten die zich voor langere tijd aan IMN willen binden. De shortlist wordt door de directie niet vrijgegeven. Meerwaldt: `De participanten moeten passen bij de meerderheidsaandeelhouder die een committent voor de lange termijn heeft en aansluiten op onze bedrijfsfilosofie. Snel geld verdienen is niet de drijfveer. Gelukkig zijn er nog financiers die een portefeuille bedrijven hebben van vijf tot tien jaar oud. Daar zoeken we dus naar. En die middel- en langetermijn-investeerders zijn best gelukkig met groeicijfers van twintig procent per jaar.'

Funfactor
Nu kan er dus ook weer op overnamepad worden gegaan. Van Valen: 'Het rare van afgelopen jaar was dat we autonoom veel harder groeiden dan verwacht. Achteraf kunnen we concluderen dat we veel minder geld nodig hebben dan we aanvankelijk dachten toen we nog met die beursgang bezig waren.' En door de gekte op de ICT-markt worden nog altijd belachelijke bedragen gevraagd voor over te nemen bedrijven. 'De prijzen voor bedrijven zakken nog niet echt', meent de directie. `En we zijn ook niet bereid die bedragen ervoor te betalen. Met een beursintroductie hadden we misschien wel honderd miljoen gulden opgehaald, maar we zouden echt niet weten wat we op dat moment met zo'n vette portefeuille hadden moeten uitrichten. Je ziet het bij veel beursgangers: ze halen veel geld op, maar kunnen er vervolgens bar weinig mee doen. 'We weten nu beter hoe we het niet willen', concluderen Meerwaldt en Van Valen. Wat ze wel willen is doorgroeien naar een bedrijf met 150 miljoen gulden omzet, waar zo'n zeshonderd mensen werken. 'En', zo zeggen ze tot slot, 'een bedrijf waar de funfactor nog bestaat. Bij veel ICT-bedrijven die afgelopen jaar naar de beurs gingen, is de focus te veel op kortetermijnprestaties komen te liggen. De lol in het werken verdwijnt daarmee. Dat willen we kost wat kost voorkomen.' Dossier Beursgang gesloten.

» Article index