‘Arrogant? Wij noemen het zelfbewust’
Hoewel het beursklimaat vervaarlijk kan schommelen en slechte winstcijfers direct worden afgestraft, blijft een beursnotering voor veel ondernemingen een aanlokkelijk perspectief. Toch is de beslissing om wel of niet naar de beurs te gaan, zeker voor de kleinere spelers, een regelrechte kopzorg. ELAN volgde de afgelopen maanden IT-speler IMN bij de voorbereidingen op een eventuele notering, hoewel de beslissing ook negatief kon uitvaten. Deze maand het laatste deel van `Dossier Beursgang'.
Het IT-bedrijf Informatie Management Nederland wilde groeien, maar hoe deze groei te financieren? Beursgang, participatiemaatschappij, allianties? Wikken en wegen in het eerste jaar van een nieuw millennium. De laatste episode van de ontwikkelingen bij IMN.
Feitelijk zijn alle scenario's die het afgelopen jaar de revue passeerden, door IMN van tafel geveegd. De beursgang is in de ijskast gezet, de participatiemaatschappijen waarmee gesproken werd, zijn geen vaste gast meer op landgoed Sandenburg en eventuele alliantiepartners is de wacht aangezegd. En dus zou je een ontgoochelde directie verwachten. Niets blijkt minder waar. 'Achteraf kunnen we alleen maar blij zijn dat het zo gegaan is. Nu we alle mogelijkheden hebben bekeken om onze groeiplannen te financieren, hebben we nog duidelijker voor ogen hoe we het echt willen', stellen Arthur Meerwaldt en Emile van Valen samen vast. Ze beschouwen het afgelopen jaar als een ervaring die ondergaan moest worden, waarbij ze met meer geluk dan wijsheid de ICT-misère op de beurs aan zich voorbij konden laten gaan. Hadden ze de beurs plannen een half jaar eerder opgepakt, dan had IMN nu misschien op het Damrak genoteerd gestaan. Het geluk van de winnaar? Gered door de tijd? Toeval? Van Valen is realistisch: 'In zekere zin zijn we safed by the bell.' Meerwaldt, filosofischer: 'Ik denk dat we het toeval heb ben georganiseerd.' Deze laatste uitspraak zegt iets over de directeur-grootaandeelhouder van IMN. Hij noemt zichzelf geen filantroop of idealist (`het draait echt wel om business'f , maar onderscheidt zich graag. In die zin heeft hij iets van Eckart Wintzen, de gewezen topman van BSO die in de jaren negentig roem verwierf met zijn cellentheorie. Emile van Valen: 'Ik denk zeker dat er analogieën zijn tussen die twee.' Dan moeten we het vooral zoeken in zaken als: aandacht voor mensen en het credo `geld is ook niet alles'. Volgens Meerwaldt deelt het gros van de medewerkers de mening van de directie dat een beursgang dit jaar niet wenselijk was. `Mensen die hier werken vinden geld niet het allerbelangrijkste. Daarentegen zie je ze wel op een zondag met de familie op het landgoed rondrijden om te laten zien hoe mooi het hier is.'
Loyaliteit
De buitenwacht zal dit soort uitspraken van IMN opvatten als
rechtpraten van de teleurstelling dat de beursgang niet
doorging. Iedere ICT-er in loondienst wil anno 2000 toch
opties en veel geld verdienen? Meerwaldt: 'IMN-ers hebben
ook nu al opties en we hebben inmiddels een interne markt
ontwikkeld. Maar daar gaat het niet om. Ik ben er heilig van
overtuigd dat er nog oude waarden als loyaliteit en een
gevoel van verbondenheid bestaan. Kijk, Cor Boonstra doet
geweldig werk als je zijn beleid op aandeelhouderswaarde
beoordeelt. Maar is hij ook bezig met de toekomst van Philips
op lange termijn? Ik ben een ondernemer met een lange
termijn-doel. Ik heb geduld en veel vertrouwen in dit
bedrijf. En passant groeien we wel met een gezonde twintig
procent per jaar. Dit bedrijf is van de mensen die er werken.
Ik probeer een inspirerende cultuur te bouwen. Noem het
idealistisch, ik denk dat het een visie is die ook anno 2000
bestaansrecht heeft. Arrogant? Ik noem het liever
zelfbewust.' Dat neemt niet weg dat de wens tot
kwalitatieve en kwantitatieve groei aanwezig blijft. Ook IMN
acht schaalgrootte van belang. Dus blijft de vraag: hoe
financiert het bedrijf die? Uiteindelijk lijkt IMN toch weer
bijoude bekenden terecht te komen:
participatiemaatschappijen. Maar anders dan een jaar geleden
wordt nu scherper gekeken naar met wie het bedrijf in zee wil
gaan. Had IMN een jaar geleden toch een beursgang op
middellange termijn op het oog, dat pad is nu definitief
verlaten. De beursgang staat niet langer op de agenda. En dus
is ook het lijstje investeringsmaatschappijen gewijzigd. Door
de participanten die geld willen fourneren om er zo snel
mogelijk geld uit te halen, ging een dikke streep. Van de
longlist van twaalf kandidaten bleven er drie over,
participanten die zich voor langere tijd aan IMN willen
binden. De shortlist wordt door de directie niet vrijgegeven.
Meerwaldt: `De participanten moeten passen bij de
meerderheidsaandeelhouder die een committent voor de lange
termijn heeft en aansluiten op onze bedrijfsfilosofie. Snel
geld verdienen is niet de drijfveer. Gelukkig zijn er nog
financiers die een portefeuille bedrijven hebben van vijf tot
tien jaar oud. Daar zoeken we dus naar. En die middel- en
langetermijn-investeerders zijn best gelukkig met
groeicijfers van twintig procent per jaar.'
Funfactor
Nu kan er dus ook weer op overnamepad worden gegaan. Van
Valen: 'Het rare van afgelopen jaar was dat we autonoom
veel harder groeiden dan verwacht. Achteraf kunnen we
concluderen dat we veel minder geld nodig hebben dan we
aanvankelijk dachten toen we nog met die beursgang bezig
waren.' En door de gekte op de ICT-markt worden nog
altijd belachelijke bedragen gevraagd voor over te nemen
bedrijven. 'De prijzen voor bedrijven zakken nog niet
echt', meent de directie. `En we zijn ook niet bereid die
bedragen ervoor te betalen. Met een beursintroductie hadden
we misschien wel honderd miljoen gulden opgehaald, maar we
zouden echt niet weten wat we op dat moment met zo'n
vette portefeuille hadden moeten uitrichten. Je ziet het bij
veel beursgangers: ze halen veel geld op, maar kunnen er
vervolgens bar weinig mee doen. 'We weten nu beter hoe we
het niet willen', concluderen Meerwaldt en Van Valen. Wat
ze wel willen is doorgroeien naar een bedrijf met 150 miljoen
gulden omzet, waar zo'n zeshonderd mensen werken.
'En', zo zeggen ze tot slot, 'een bedrijf waar de
funfactor nog bestaat. Bij veel ICT-bedrijven die afgelopen
jaar naar de beurs gingen, is de focus te veel op
kortetermijnprestaties komen te liggen. De lol in het werken
verdwijnt daarmee. Dat willen we kost wat kost
voorkomen.' Dossier Beursgang gesloten.

