Boerenslim
Als handel emotie is, is onzekerheid big business. Dat wist de kerk al eeuwen geleden. Naar analogie van het kassucces van het IQ beweren goed boerende managementgoeroes wel dat je het EQ (emotionele-intelligentiequotiënt) kunt meten en dat een hoog EQ net als een hoog IQ tot groot succes leidt. Als we de emotie-goeroes mogen geloven, zijn openheid, motivatie, inspiratie, visie, sociaal-voelendheid en creativiteit de hoogste emotionele waarden op weg naar de management-hemel op aarde. Dat nemen we natuurlijk niet voetstoots aan, hoewel de gedachte een goed gevoel geeft.
Laten we daarom ter toetsing eens het EQ van de meest succesvolle topmannen onder de loep nemen. Welnu, wie bij Achmea weet welke inspirerende visie de topman Gijs Swalef heeft, met zijn vloot van bedrijven, na de mislukte fusie met de Rabobank? Trouwens, wie kent de man eigenlijk? En is Kees Storm van Aegon uit eigen vrije wil ooit tegenover zijn personeel open geweest over zijn opties? Zijn die opties wel zo creatief?
Was Jaap Peters bij Aegon voor het personeel nu echt meer dan de schrijver van het voorwoord in het sociaal jaarverslag? Rekenmeester Aad Jacobs van ING werd pas populair bij zijn afscheid, laat staan dat hij motiverend of inspirerend was. Blijkbaar zijn deze emotionele waarden voor een topcarrière onbelangrijk.
Of zelfs gevaarlijk. Want drie topmannen met een hoge EQ-score op openheid gingen juist daardoor onderuit: onlangs dr. J.C.M. Hovers van Océ, gepromoveerd in de bedrijfseconometrie op 'Expansie door overname', dr. ir. A. Maas, van KBB, met een 4,7 op zijn prestatierapport en in 1989 dr G. Bresser van Gist Brocades bij de mislukte fusie met ACF. Als je emoties al in een rangorde kunt zetten, dan kom je bij topcarrières vaak heel andere combinaties tegen dan de goeroes ons voorhouden: zowel gesloten als onderhoudend, achterdochtig en vriendelijk, agressief en geduldig, ijdel en nuchter, arrogant en matig, angstig en avontuurlijk. Een toptalent is een vat vol tegenstrijdigheden.
Een topman moet zijn ondergeschikten natuurlijk absoluut naar een gedragscursus sturen. Veel zullen ze er niet door veranderen, maar misschien geloven ze wat daar over openheid wordt gepredikt en tonen ze hun zwakheden, waarna de topman weet hoe hij hen moet aanpakken. Er zijn altijd wel een paar mensen die al open, motiverend, inspirerend, visionair, sociaal of creatief zijn en dat is voor de organisatie mooi meegenomen. Hoewel je er ook niet te veel van moet hebben, want dan wordt het een chaos. Gewezen visionaire toplieden als Paul Fentener van Vlissingen van SHV, Eckard Wintzen van BSO, Willem van der Mee van Greenery, Dan Huesmann van Ohra en Harrie Groen van NCM zijn leuk om in een korte tijd de organisatie creatief een beetje op te kloppen, maar op de lange duur zijn het rampenplannen. Van lieve navelstaarders, trouwe grijze muizen, slaafse bureaucraten, dominante bazen en andere stereotypes kan de organisatie er meer gebruiken. Voor iedereen is er een plekje onder de zon.
Voorlopig blijven emoties, die belangrijke menselijke eigenschappen, het domein van de intuïtie. Mensenkennis is voor een topman essentieel. Ik spreek liever van het BQ, het boerenslimheidsquotiënt.

