De beeldtelefoon, dat is ICT op z’n top
'Hoofd chaos', staat er op zijn visitekaartje. Nauwkeuriger had hij niet kunnen zijn. Eckart Wintzen. Vanuit zijn Bosschuur d' Ouwe Kamp houdt hij nauwlettend in de gaten wat er zoal in de wereld gebeurt. En waar mogelijk probeert hij het allemaal een beetje bij te sturen. Een gesprek over lease contracten. beeldtelefoons en CAO's voor computers.
Eckart Wintzen (63) bouwde automatiseringsbedrijf BSO van de grond af op tot een organisatie met tienduizend werknemers en vestigingen in 21 landen. In 1996 verkocht hij de hele handel aan Philips. Tijd voor pensioen? Nou, nee. "Ik blijf geboeid door ontwikkelingen op het gebied van technologie en communicatiesystemen", vertelt Wintzen. "Bovendien wil ik op mijn manier een bijdrage leveren aan een betere wereld én immateriële welstand." Dat verklaart de nieuwe job van deze excentrieke onder nemer: investeerder in maatschappelijk verantwoorde bedrijven.
Veel liever dan in golfclubs of cruise tochtjes steekt Wintzen zijn kapitaal in Ben & Jerry's (super-premium bio-ijs), Green wheels (deelauto's), Gary's Muffins (mét eerlijke koffie!), Ex'ovision (beeldtelefoon van topkwaliteit) en Ex'pression (state-of the-art academie nieuwe media in San Francisco). Het investeren alleen houdt 'm echter niet van de straat. Daarom is Wintzen ook nog 'onconventioneel denker' in zo'n twintig raden, commissies en besturen. Bij voorbeeld die van het Mc Luhan Institute, het NIMA en het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. En uiteraard ING.
Eén gezicht
Als lid van de Raad van Advies van ING heeft Wintzen de rebranding van de ING Groep van nabij meegemaakt. Voor wie het even is ontgaan: ING krijgt één wereldwijde merknaam. "Fantastisch", vindt Wintzen. "All over the world dat leeuwtje, die letters, de naam ING. Dan toon je de buitenwereld één gezicht." Eén gezicht - dat is precies waar ITC op dit moment aan werkt. De gehele ING Groep Nederland heeft straks één loket voor alle ICT-vraagstukken (SourcING). Aan dat loket zijn geen specials te koop, maar standaard top-of-the-bill producten (Operational Excellence).
Wintzen trekt zijn borstelige wenkbrauwen even hoog op bij het horen van de plannen van ITC. Logisch, want Wintzen zweert bij decentrale organisaties. "BSO heb ik opgebouwd volgens een celstructuur. Een cel, oftewel werkmaatschappij, had maximaal honderd medewerkers. Iedere werknemer nam z'n eigen beslissingen; elke werk maatschappij deed z'n eigen personeels zaken, z'n eigen automatisering, z'n eigen sales. Je kunt er dan natuurlijk donder op zeggen dat verschillende werkmaatschap pijen tegen hetzelfde oplopen. Lease contracten bijvoorbeeld."
Centrale standaards
"Leasecontracten zijn complexe dingen", aldus Wintzen. "In de eerste plaats vanwege de leasemaatschappijen; die blijven graag vaag over de eindafrekening. Maar vergeet ook niet de automobilisten. Nederlanders kunnen eindeloos zeuren als het gaat om het aantal kleppen of de kleur van de bekleding! Had ik voor BSO een centrale leaseafdeling opgezet, dan zou ik het zeuren hebben gelegaliseerd. Mooi niet! Mijn oplossing: zet een leasemaatschappij, een jurist en een aantal medewerkers van de werkmaatschappijen in een hok. Met elkaar bepalen zij hoe een leasecontract eruit moet zien. Wil een leasemaatschappij aan ons leveren, dan moeten ze ons contract ondertekenen. Kortom, schrijf centraal de standaard voor, dan kun je de uitvoering decentraal laten gebeuren."
Wintzen ziet het vaststellen van standaards dus als voorwaarde voor het functioneren van een decentrale organisatie. ITC daarentegen combineert standaardisatie met centralisatie. De reden hiervoor komt bij de ITC-klanten vandaan. Liever dan maatwerk willen zij systemen die op elkaar aan sluiten. Wintzen kan zich daar wel wat bij voorstellen. "Heel vroeger bestond het leven nog uit één mainframe, waar alle maal kaarten ingingen en stapels papieren uitkwamen. Toen het mainframe verlaten werd, kreeg ieder z'n eigen ding. Geen enkele machine kon meer met een andere praten. Soms had je tientallen naam- en adressenbestanden over dezelfde klanten. Dat schreeuwt om standaardisering: wij werken vanaf nu alleen met dit platform en zé omschrijven wij onze klanten. Of het nu gaat om systemen, leasecontracten of de grafische vormgeving van je interface - als je dat standaardiseert, heb je geen centralisatie nodig."
Slimme projecten
Bij het koppelen van systemen, denkt Wintzen in eerste instantie buiten de bank: "ICT is bij uitstek dé brug tussen de bank en de klant. Een populaire bank moet het van een groot aantal kleine transacties hebben. Ik denk aan studenten, voor wie de dag pas na vieren begint. Aan back packende jongeren die vanuit het internet café in Bangkok even snel hun bankzaken willen regelen. Dat zijn de mensen die online bankieren." Wat Wintzen betreft kan de bank hier nog wel wat verbeter projecten tegenaan gooien. "Het mooie van een computer is dat-ie dag en nacht kan doorwerken - een computer heeft geen CAO. Maar je moet wel zorgen dat mensen het prettig vinden om op je site te ver pozen. Niet proberen de deftige bank uit te hangen, maar praten met je klanten. En ze tegelijkertijd niet onnodig veel laten ver tellen voordat ze een transactie kunnen doen."
Zelf is Wintzen ook bezig met een interes sant project: de beeldtelefoon. "Dat is ICT op z'n top", vertelt de ondernemer enthousiast. "Ga er maar eens achter zitten." Inderdaad, deze futuristische overheadprojector is echt handig. Met een muisklik leg je verbinding met de persoon die je wilt spreken. Geen hoorn aan je oor, maar je gesprekspartner messcherp voor je neus. Inzoomen kan ook. Wintzen benadrukt dat de voordelen van de Ex'ovision veel verder gaan dan reistijd- en kostenbesparing. "Hiermee heb je niet langer duizenden tonnen staal nodig om twee kilo hersenen naar een vergadering te vliegen. Brandstof is overbodig. Twee megabit bandbreedte is voldoende. Dat is flink wat natuurlijk, maar veel bedrijven hebben dat al tussen hun kantoren liggen."
Kennis delen
En zo komen we weer terug bij ING en de herinrichting van ITC. Eén van de uitgangspunten hierbij is dat expertises zich op twee of maximaal drie locaties bevinden. Wintzen wijst erop 'loket' niet met 'locatie' te verwarren. "ITC voert een enorm aantal verschillende werkzaamheden uit. Als klant wil je vanaf één loket toe gang hebben tot al die werkzaamheden. Maar vervolgens hoeven die werkzaam heden niet allemaal op dezelfde locatie te worden uitgevoerd." En hoe kunnen de ITC'ers dan het beste hun kennis delen? "Als je een probleem hebt, dan gooi je dat toch gewoon op het intranet! Er is vast wel iemand die de oplossing heeft en jou een programmaatje kan mailen." Zo'n Ex'ovision binnen ITC zou zo gek nog niet zijn!

