De profeet van Schier
Als soldaat diende hij bij de militaire inlichtingendienst. Als ondernemer maakte hij van BSO een multinational. En al die tijd bIeef hij een tegendraadse denker: het evangelie volgens Eckart Wintzen.
DOOR RENE ZWAAP
ER RUSTEN VERSCHILLENDE ZIElen in de inborst van Eckart Joachim Wintzen, de John Lennon van het Nederlandse bedrijfsleven. Sommige financiële analisten schatten zijn vermogen op enkele tientallen miljoenen guldens en aangenomen mag worden dat hij nog nooit een sociale dienst van binnen heeft gezien, maar niettemin roept de goeroe van het alternatieve ondernemen in een pamflet op tot de liquidatie van de "kille en onpersoonlijke" verzorgingsstaat en eerherstel voor "intermenselijkheid" (lees: liefdadigheid). Wintzen is de geestelijk vader van een alsmaar toenemende zorg van het bedrijfsleven voor het milieu, maar is dan wel weer aandeelhouder en commissaris van Hiltermann BV, een auto-leasemaatschappij te Nieuwegein. Te vuur en te zwaard bestrijdt Wintzen de blinde winstzucht van zijn collega's, maar ondertussen is er geen Europese zakenman te bedenken die beter thuis is in de met goud gevulde spelonken van Silicon Valley en de andere metropolen aan de elektronische snelweg. Eckart Wintzen, de hedonistische hippie in het land der krijtstreeppakken en driedelig grijs, het bloemenkind onder de jachtige jongens van de effectenbeurs, is kortom een archetypische held van dit postmodern verwarde tijdsgewricht.
Jurriaan Kamp leerde Wintzen kennen in de legendarische 'denktank' De Club van Schiermonnikoog. "De beste karaktertrek van Eckart is zijn eerlijkheid", meent de hoofdredacteur van het tijdschrift Ode. "Hij is geen hardliner, en maakt er dus ook helemaal geen geheim van dat hij zelf ook niet helemaal leeft naar de inzichten die hij verkondigt. Daarnaast is hij een van de origineelste denkers die ik ken. Je kan hem in de nacht opbellen met een of ander waanzinnig plan, en binnen de kortste keren heeft hij er een nog origineler idee voor bedacht. Dat is pure denkkracht, en dat maakt hem in ondernemersland volkomen uniek."
NA EEN KORTE AFWEZIGHEID IS ECK WEER HELEmaal terug. Ex'tent, zo heet zijn nieuwe investeringsmaatschappij, een samentrekking van 'de tent van Eck'. Het is een onderneming met hoog-revolutionair gehalte, meer een vriendenclub eigenlijk, die onder het genot van pils en jointjes driftig aan het innoveren slaat. Het bedrijf is heel paradoxaal ondergebracht in een poenerig kasteel te Doorn, in het verleden ook woonplaats van de al even mystiek gerichte natuurminnaar ex-Kaiser Wilhelm II. Wintzen is 'hoofd chaos' bij Ex'tent, de rebellenclub die hem weer in de schijnwerpers van de financiële pers bracht. Op 12 juni van dit jaar hield Ex'tent open huis. Het gretig toegestroomde journaille werd opgewacht in tentjes op de weelderige gazons van kasteel Moersbergen, alwaar de Great Gatsby van het computertijdperk hen opwachtte met wijn, stokbrood en paté. In plaats van de gebruikelijke rigide projecties op diaschermen en bloedeloze voordrachten over de algemene bedrijfsreserves werden de gasten onthaald op spontane raps van de ondernemer. "De economie in Nederland is ook maar een spelletje", vertelde Wintzen, gezeten in het gras met onafscheidelijke stoppelbaard en spijkerbroek. "De basisbehoeften van de mens beslaan maar 5 procent van de economie, de overige 95 procent is welstand en niet nodig om te overleven. Hier kun je dus gewoon leuk bezig zijn." Wederom weerklonk de Veronica-variant van het jaren zestig-evangelie van vrijheid en blijheid waarvan Wintzen zijn handelsmerk maakte. En zoals gebruikelijk moesten de minder vrijgevochten collega-ondernemers het ontgelden: "De stropdas die ze voor hebben, snijdt de weg af naar het hart. Ze gebruiken alleen hun verstand en niet hun gevoel."
In zijn vorige leven als president-directeur van automatiseringsmogol BSO/Origin kreeg Wintzen weleens het verwijt naar het hoofd geslingerd 'windhandel' te bedrijven. Als hoofd van Ex'tent hoeft hij dat letterlijk genomen. Een van de werkmaatschappijen van Ex'tent BV is de investeringsmaatschappij Windfonds, gericht op het verstrekken van leningen aan exploitanten van windenergie. Een branche waar collega-investeerders hun neus voor ophalen, maar waarmee Wintzen bewijst dat hij zijn zakelijke instinct zeker niet is kwijtgeraakt. Nu het paarse kabinet met de voorgenomen ontmanteling van de kerncentrale Dodewaard en later ook Borssele het atoomtijdperk in Nederland voor gesloten heeft verklaard, is windenergie een onmiskenbare groeisector - the answer is blowing in the wind, om een andere oude hippie te citeren. Reeds in 1995 kon Wintzens Windfonds zijn aandeelhouders een prettige boekwinst melden. Dat zal de komende jaren tot astronomische hoogten kunnen oplopen. Dan zal Wintzen het gezegde 'leven van de wind' een nieuwe dimensie geven.
Ook handelt Eckart Wintzen tegenwoordig in het politiek correcte consumptie-ijs van de Californische beatniks Ben & Jerry, geestelijk vaders van het zakelijke adagium: If it ain't fun, why do it?. Ten behoeve van de ijsmaatschappij wil Eckart een kind van rond de veertien aantrekken in de raad van commissarissen. Daarnaast hoeft Ex'tent een forse investering zitten in het Amerikaanse biotechnische bedrijf Pep'timune dat onderzoek pleegt en licenties heeft op een kunstmatig eiwit genaamd Peptide T, dat soulaas zou kunnen bieden bij Alzheimer, MS en zelfs aids. Ook geen perspectiefloos initiatief, derhalve. Zo heeft Eckart er nog wel meer. Zijn Home Foundation, een stichting voor 'innovatieve milieuprojecten', heeft het vizier bijvoorbeeld gericht op alternatieve energie winning.
HET COMPUTERWEZEN IS ECHTER NIET VAN WINTZEN af. Hij is een van krachten achter Wired, het grootste blad voor Internet-gebruikers, dat deze zomer vriend en vijand verbaasde met de aankondiging van een beursgang ter waarde van 450 miljoen dollar. Ook voert Wintzen heftig campagne om de digitale mogelijkheden van het geavanceerde kabelnet in Nederland optimaal te gebruiken. Binnenkort komt hij met een kant en klaar uitgewerkt voorstel voor perfecte beeldtelefonie. Er ligt kortom nog een goudgerande toekomst in het verschiet voor de 57-jarige Wintzen. Als grote communicator is hij de aangewezen man om een brug te slaan tussen hemelbestormend idealisme en wat lager bij de grondse pecuniaire zucht. Niet voor niets vervult hij ook een sleutelrol in de Nederlandse tak van het Social Venture Network, oorspronkelijk een Amerikaans initiatief waar het verlicht ondernemerschap wordt gepredikt.
Wintzens startersfonds is bedoeld voor jonge ondernemers met originele plannen die bij geen
enkele andere financier terecht kunnen. Ook is hij als geldschieter en bezieler verbonden aan het
blad Source, een nieuw zakenmagazine voor ondernemers die iets esoterischers wensen dan de bedreven achterklap en deostick-tips van bladen als Quote. In het debuutnummer van Source, dat onlangs in een oplage van 75.000 de deur uitging, treft de lezer zo'n beetje de hele zakelijke kennissenkring van Eckart Wintzen, van ING-topman Alexander Rinnooy Kan (ex-VNO) tot de top van het al even hippe Van Nelle-concorn te Rotterdam.
Source breekt een lans voor het gebruik van hennep als alternatief voor katoen en andere vezels. Dat streven was tot voor kort het exclusieve territorium van biologisch-dynamische hippies uit communes als Ruigoord, die een CO2-loos milieu wensten te verbinden met psychedelisch rookgenot. Tegenwoordig is de hennepteelt een serieuze aangelegenheid, zelfs vurig bepleit door de boerenstand van de Duitse deelstaat Beieren, lieden die normaal gesproken al roepen om het strafkamp als ze een pakje shag ontwaren in de handen van een Hollandse rugzaktoerist.
Wat zijn passie voor de tegencultuur betreft is Eckart Wintzen een laatbloeier. De Haagse huisartszoon werd opgevoed in een regime van Spartaanse tucht. Na het gymnasium ging hij in Leiden wis- en natuurkunde studeren. Hij sloot zich aan bij het Leidse studentencorps, evenmin een bolwerk van revolutionair elan. De studie werd niet voltooid. In plaats daarvan ging Wintzen in dienst. Hij kwam terecht bij de militaire inlichtingendienst, alwaar hij werd ingewijd in de geheimen van de chemische oorlogsvoering. Terwijl Roel van Duyn met anti-Amerikaansprotest de eerste schreden zette op weg naar de provo- en kabouterbeweging, boog Wintzen zich over ontbladeringstechnieken en ander fraais. "Een geweldige tijd", oordeelt hij tegenover Esquire. "Al was het wel de eerste keer dat ik mocht ervaren hoe het is om te werken binnen een log bureaucratisch apparaat. Ook na mijn afzwaaien werd ik af en toe weer opgeroepen. Dat hield pas op in 1970, nadat ik wat ochtendurine had ingeleverd waarvan de samenstelling de heren niet helemaal beviel."
In 1965 kwam zijn eerste echte baan. Wintzen werd benoemd tot assistent Wetenschappelijke Toepassingen bij Philips in Apeldoorn. Hier maakte hij kennis met de nog in de kinderschoenen staande computertechnologie. Meteen had hij door dat er werd gewerkt aan een techniek die de wereld zou veranderen. Twee jaar later kwam hij als projectleider terecht bij het Europees Ruimteonderzoek. Het leven in de jetset van het Europese ambtenarendom, met een hoog belastingvrij salaris, stuitte hem steeds meer tegen de borst. Het was "karakterverpestend", oordeelde hij. In 1973 keerde Wintzen terug naar Nederland, als directeur van een computerbedrijf van de Amerikaanse gigant General Telephone. Drie jaar later sloeg Wintzen zijn grote slag. Hij nam de aandelen van zijn werkgever over en doopte het bedrijf om in Bureau voor Systeem Ontwikkeling (BSO), gericht op de automatisering van de grootste concerns. Begin jaren tachtig werkten er nog geen driehonderd mensen bij BSO, dat werden er al snel duizend. BSO-aandelen stegen in tien jaar tijd met twintigduizend procent.
Wat Apple in Amerika deed, werd bij BSO door Wintzen overgenomen. Met opvallende reclamecampagnes wees BSO op de maatschappijveranderende dimensie van de automatisering. De computer was geen vijand van de mensheid, maar zijn beste vriend. De antiautoritaire krachten van de jaren zestig en zeventig werden als organisatiemodel binnen het bedrijf geitroduceerd. Wintzen moest niets hebben van voorgekookte modellen. "Ik neem geen managers aan", vertelde hij. "Iemand die van de universiteit komt en het woord in de mond durft te nemen, laat ik eerst krullen rapen en stof zuigen.
HIJ INTRODUCEERDE HET CELMODEL: ZELFSTANDIGheid leidde cellencreativiteit, en daarom werd er bij BSO met kleine eenheden gewerkt, die autonome 'cellen' werden zodra er meer dan zeventig mensen bij betrokken waren. Vastgeroeste patronen dienden te allen tijde te worden doorbroken. "Van kreten als 'dat hoort zo', krijg ik pukkels", liet de baas weten. Wintzen zelf schitterde als nooit tevoren. Hij werd de profeet van de Digitale Revolutie, de nieuwe en nu finale democratiseringsgolf, die via de elektronische snelweg alle verstarde verhoudingen, zowel in het persoonlijke als in het zakelijke, in rook zou doen verdwijnen. Wintzen mocht de Psychedelische Revolutie van de Sixties als Leidscorpslid dan wel hebben gemist, dit keer zat hij in de boot! Hij omgaf zich met steeds hipper gezelschap, wellicht ter compensatie van de bloedstollende ontmoetingen met superbureaucraten uit Den Haag die hem als adviseur technologiebeleid binnenhaalden. Zo werd hij gesignaleerd bij de fameuze cyberpunk-parties in de Gooise villa van de digitale hippie Luc Sala, ook al een ex-Philipswerknemer die in de subcultuur was beland. Daar gaven de sterren van de Californische virtual reality-scene acte de présence, zoals leden van de Grateful Dead en de gewezen LSD-goeroe Timothy Leary In Nederland verbijsterde Wintzen het digitale klootjesvolk met zijn jaarlijks terugkerende Infolutie Show, bizarre en theatrale voorstellingen over virtual reality en andere bewustzijnsveranderende elektronica.
De concurrentie keek ademloos toe toen Wintzen in 1990 Philips-dochter Origin - met duizend werknemers en tweehonderd miljoen omzet - overnam en aan BSO koppelde. Zou Wintzen erin slagen zijn hippie-strategieën vol te houden nu hij was uitgegroeid tot player van mega-formaat, met vestigingen over de hele aardbol? In zijn column (titel: "Het hoofd spreekt") in het BSO-bedrijfsblad hield Wintzen zijn personeel minutieus op de hoogte. "Als we er vooral toch ook maar lol in houden!" Achteraf bleek Wintzen met Origin het paard van Troje te hebben binnengehaald. De celfilosofie bleek lang niet overal te werken. Wintzen bracht zijn leven grotendeels in het vliegtuig door, schoot als een paranoïde konijn over de aardbol, om iets van grip op zijn mondiale imperium te behouden. "Het idee om met kleine, zelfstandige vestigingen waar iedereen 'iedereen kent' lokale markten te bedienen, past in de sociale cultuur van Nederland, maar gaat internationaal niet op", zegt directeur A. Willem van Origin-België. Concessies moesten worden gedaan. "Je moet een Fransman niet te veel democratiseren, dan gaat-ie op tilt", deelde Wintzen mee. Verbetering trad niet op.
IN 1993 STOND ER VOOR HET EERST IN DE GESCHIEDENIS van BSO verlies opgetekend in de jaarrekening. Een luttele 9,3 miljoen gulden, maar toch. Een verslagen Wintzen liet zich vervangen door Henk Cohen van Sara Lee/Douwe Egberts en trad zelf naar de achtergrond. Voor BSO was het uitstel van executie. Twee jaar later nam Philips BSO/Origin over. "God, hebben ze je zó binnengelaten?", vroeg Philips-baas Jan Timmer toen Wintzen enigszins verlaat met stoppelbaard en verwaaide grijze manen aan de vergadertafel plaatsnam. "Dit was het", zo luidde de gehele afscheidsspeech van Wintzen. Philips beloofde vroom dat ze Wintzens BSO-cultuur tot in het oneindige zouden blijven koesteren, maar uit de verf komen deed het nog niet. "Die Philipsjongens hebben die lol gewoon niet", aldus een financieel analist. "Ze proberen het wel, maar ze missen de drive. Het is hetzelfde als een Dixielandband die opeens hardrock moet spelen." Een duister voorteken: de eerste daad van Cor Boonstra, Timmers opvolger bij Philips, was het ontslag van Wintzens vertrouweling Henk Cohen bij BSO.
De ondergang van BSO/Origin was een zware klap. "Ik kwam even terecht in een postnatale depressie", liet Wintzen aan de pers weten. "Want je moet als mens 's ochtends het gevoel hebben ergens heen te moeten en nodig te zijn. Dat had ik niet." De leemte werd rap gevuld. Eckart Wintzen werd even fulltime profeet. In 1991 stond hij aan de wieg van de Club van Schiermonnikoog, de denktank waar de inzichten van New Age, dat pandemonium van oosters occultisme en Californische hippie-mystiek, een fusie aangingen met de pragmatiek van het zakenleven. Wintzen kwam per helikopter aan op het Waddeneiland, alwaar het gezelschap op 5 september 1991 voor het eerst in hotel Van der Werff bijeen kwam. Het was een bont gezelschap van journalisten, zakenlieden, ex-politici, astrologen, professoren en tv-medewerkers. Naast Wintzen waren er mensen bij betrokken als oud-minister van Financiën en soefigrootmeester H.J. Witteveen, RTL4-nieuwschef Rik Rensen, economie-chef Jurriaan Kamp van NRC Handelsblad en Fabeltjeskrant-bedenker Thijs Chanowski. Wintzen was gelijk enthousiast. I fiel tremendous forces in this room, citeerde hij Winston Churchill in het Hollands Dagboek van NRC Handelsblad.
"Eckart was een hele rare vogel binnen het gezelschap," zegt Jurriaan Kamp, "waar toch de nodige studieuze heren in zaten. Ik kan me nog goed herinneren dat Eckart op een gegeven moment zelf een pruimentaart ging bakken. Maar door al die geanimeerde conversaties was hij die taart in de oven helemaal vergeten. 'Kut, kut', riep hij dan, met dat zwartgeblakerde ding in zijn handen. Daar moesten enige heren toch wel even van slikken."
De inzet van de Club was ambitieus. Men streefde een totale verandering van de Nederlandse samenleving na. "Het verontrust ons dat velen geen zin in hun bestaan meer herkennen", zo schreef de Club van Schiermonnikoog in De Duinrede, een pamflet dat veel stof deed opwaaien. "Wij leven wel, maar er is weinig dat ons ten diepste raakt." De Duinrede richtte zich tegen de verschrikkingen van een al te vrije markt, de dictatuur van de aandeelhouders, maar ook tegen de verzorgingsstaat: "Wij gedragen ons als verslaafden. Verslaafden aan de drugs van materiele consumptie en van collectieve pseudo-zekerheid. Zodra het afkicken in zicht komt, ontkennen wij het probleem."
De reacties waren verdeeld. PvdA-voorzitter Felix Rottenberg betichtte de Club van reactionaire drijfveren. "En ik ben nota bene heel mijn leven PvdA-man geweest!", verzuchtte Wintzen.
Jurriaan Kamps eigen NRC Handelsblad noemde het een gezelschap dat tegen de Verlichting streed. De Club trok zich er weinig van aan. Er moest een 'nieuwe ordening' komen. Kamp, weg bij zijn krant om fulltime voorlichtingswerk ten bate van 'Schier' te doen, liet doorschemeren dat hij desnoods een eigen politieke beweging zou oprichten. Maar dat praatte Wintzen hem gelijk uit het hoofd: "Stel nou Jurriaan, dat het je lukt om die partij te maken. Dan ben je dus de grote voortrekker, dan ben je de Hans van Mierlo van die partij. En wat ga je dan met die macht doen? Wie zegt dat jij niet corrumpeerbaar bent voor de macht die daaruit ontstaat?"
Kamp liet zijn partijpolitieke ambities varen, maar dat betekende eveneens het snelle einde van 'Schier'. Door gebrek aan organisatie viel het gezelschap als los zand uit elkaar. Peter Delahay, de Amsterdamse astrologische zakenconsulent van de Club, zegt dat de geschiedenis de club gelijk heeft gegeven. "Toen de club begon zag de wereld er heel anders uit", zegt hij. "Toen konden we als Nederlanders nog denken dat we op een eiland leefden waar onze welvaart en sociale zekerheid gewoon konden voortbestaan, terwijl er even verder een miljard mensen lag te kreperen. Met het wegvallen van de grenzen is dat idee ook weg. We vloeien allemaal terug naar de oersoep van ellende. De Club van Schiermonnikoog hoeft dat helemaal niet meer te verkondigen. Nu weet iedereen het. De club is nu een netwerk geworden, een vriendenclub. Als mensen elkaar nodig hebben weten ze elkaars nummer.
"Eckart was en is de drijvende kracht achter de bewustzijnsverandering in het zakenleven. Anderen proberen hem te klonen, maar dat lukt niet. Zo'n boomingpersonality als Eckart kopieer je niet zomaar. Al die mannen in die grijze pakken creëren niks, Eckart wel. Grote concerns als Philips zijn als streng geleide sektes, die krijgen nooit het gevoel dat Eckart heeft. Hij is de Godfather van de nieuwe tijd."

