Duurzaamheid is het sleutelwoord van Eckart Wintzen.
AUSTERLITZ - Aan de deur van zijn kamer hangt een droomvanger. Niet erg gebruikelijk voor een zakenman van het kaliber Eckart Wintzen. Maar er is wel meer niet gebruikelijk. Wintzen (68) ziet er met zijn lange piekhaar en baard uit als een overjarige hippie. Zijn kantoor is geen strak glimmend gebouw op een A-locatie. Verscholen in de bossen rond Austerlitz heeft het voormalige opvanghuis voor militairen meer weg van een gezellige blokhut, vloerbedekking van sisaltouw en een brandend houtvuurtje.
De ideeën van Wintzen zijn evenwel van uiterst moderne snit. De gesjeesde wiskundestudent praat net zo gemakkelijk over managementmodellen als over de verwoestingen die de mens in het milieu aanricht. Duurzaamheid is het sleutelwoord.
De gearriveerde multimiljonair vergaarde zijn kapitaal door de verkoop van automatiseringsbedrijf BSO, dat hij in twintig jaar liet uitgroeien tot een multinational met meer dan 10.000 werknemers. Daarbij hanteerde hij een opmerkelijke filosofie: de celdeling. „Toen BSO begon te groeien, wilde ik wel het familiegevoel vasthouden. Bij ons werd op vrijdagmiddag een biertje gedronken en werden alle grote en kleine probleempjes besproken. Als je liefde geeft, krijg je liefde terug. Iedere werknemer moest voelen dat voor hem wordt gezorgd. Menig ondernemer klinkt dit erg zweverig. ‘Waarom niet gewoon nóg een BSO opzetten?' bedacht ik."
En zo geschiedde. Het resultaat was een steeds verdere uitbreiding van BSO wereldwijd volgens de celfilosofie. Telkens als een vestiging een omvang van 50 medewerkers bereikte, werd die resoluut opgesplitst en ontstonden er twee zelfstandige bedrijven met hun eigen regio die de eigen broek op moesten houden
„Het is me gelukt om dat met 6000 werknemers te doen. Ik heb me slap gelachen. Terwijl alle automatiseerders aan het fuseren waren, groeiden BSO uit tot de grootste automatiseerder van Nederland."
Daarom snapt Wintzen ook niet dat fusies schering en inslag zijn. „Wie worden daar gelukkig van?", vraagt hij zich hardop af. „De klanten: ‘nee', de medewerkers: ‘nee', de directie: ‘nee'. Alleen de aandeelhouders, die dwingen je ertoe. Een fusie ontneemt medewerkers vaak het enthousiasme in hun werk. Goed werk is een product van enthousiasme en vakmanschap. Als één van de twee nul is, is de uitkomst nul. Je kunt ook samen iets doen zonder dat je fuseert. Alleen samen doen daar waar het nodig is."
Wintzen schrijft het woord VERTROUWEN met hoofdletters. Maar daar hoeft je niet mee aan te komen in de top van het bedrijfsleven, zegt hij. „Daar hebben ze vreselijk moeite mee. Ze denken dat ze kunnen delegeren. Maar het komt er op neer dat ze de kutklusjes aan een ander geven. Maar je hebt toch iemand ingehuurd in het vertrouwen dat hij iets kan, geef hem dat dan ook."
Wintzen gispt de bedrijven die hun klantacquisitie onderbrengen bij callcenters. „Die callcenterrotzooi is één grote eenheidsmassa. Er wordt met hagel geschoten in de hoop dat het raak is. Het wekt schijnefficiency op. Er is totaal geen belangstelling voor de klant, alleen in de eigen procedures. Heb je wel eens geprobeerd een vraag te stellen over een fout in je energierekening. Daar ben je klaar mee; tien keer word je doorverbonden naar medewerkers die hun draaiboek afwerken. Het is jereinste robotisering. Dat krijg je als je de service niet vanuit de klant regelt."
Kost dat meer geld?. ‘Ja'. Maar daar staat tegenover dat je minder hard aan marketing hoeft te trekken om klanten terug te winnen. We moeten toe naar een systeem waar verkopers en klanten bekijken wat ze voor elkaar kunnen betekenen. Als klant het gevoel heeft, dat hij straks niet tevergeefs aanklopt ontstaat een duurzame relatie."
In het boekje Eckart's Notes, dat Wintzen deze zomer in samenwerking met Lemniscaat heeft uitgegeven, doet hij zijn managementfilosofie in 50 goed leesbare hoofdstukjes uit de doeken. Het geheel is gelardeerd met hilarische voorbeelden.
Wintzens ideeën over duurzaamheid beperken zich niet alleen tot het managen van bedrijven. Met zijn investeringsmaatschappij Ex'tent (Eckarts tent) belegt hij in een ‘klein dozijn' groene ondernemingen, zoals Green Wheels. Op 1500 plekken in Nederland kan iemand à la minute een Peugeootje huren. „Iedereen hoeft dus niet zelf een auto meer voor de deur te hebben. Dat betekent minder auto's, minder parkeerplekken en minder kosten. De OV-jaarkaart mensen zijn onze klanten."
Wintzen breekt zich ook het hoofd hoe de economie zinniger zou kunnen zijn. „We zijn nu alleen gelukkig als we iets kunnen kopen om het vervolgens een even later weer weg te gooien. We zijn bezig er mondiaal een puinhoop van te maken. Je kunt niet blijven groeien op een planeet die statisch is. Zuiniger auto's en verwarmingsketels zijn niet meer genoeg."
Mensen moeten leren gelukkiger worden met virtuele genoegens. De website Second Life is nog maar een klein begin. Mensen kunnen hun hele creativiteit kwijt in het inrichten van hun virtuele leven. Voor een mooi bankstel hoeft geen hout te worden gekapt, is geen ijzererts nodig en kapok. Second Life is een mooie oefening voor over enkele decennia als de mensheid met miljarden is toegenomen en de grondstoffen zijn opgebruikt."

