ECKARTS NOTES. Click here to read more and order!

Eckart Wintzen, excentriek ondernemer of visionair?

May 01, 1993 (Milieu Magazine )

'Geen ecotax? Dat is pas kortzichtig'

'Ik wil business juist in stand houden'

'BTW is de ecologisch meest vernietigende belasting'

Pleiten voor een ecotax. Voorstander van vermindering van materiële productie en consumptie. Andere ondernemers een gebrek aan fantasie verwijten. Eckart Wintzen, president van het succesvolle BSO-Origin, windt er niet graag doekjes om. Zijn idee: het totaal overhoop halen van het fiscale bouwwerk. Weg met alle belasting op personen, de toekomst is aan de ecologische belasting.

'Onhaalbaar'. Dat is de standaardreactie van collega-ondernemers waarmee Eckart Wintzen voortdurend geconfronteerd wordt als hij zijn ideeën over een ecotax uiteenzet. 'Mensen zeggen wel: 'Een leuk verhaal Wintzen, moedig datje het hier komt vertellen, maar het is politiek natuurlijk onhaalbaar.' Wat een gelul, denk ik dan. Weetje wat pas echt onhaalbaar is? Gewoon doorgaan met de economische expansie waar we nu mee bezig zijn.' Eckart Wintzen drukt zich graag uit in ferme taal als hij pleit voor zijn voorstel voor een ecologische belasting. In een kwart eeuw tijd zal zijn idee leiden tot een geheel veranderde maatschappij. Materiële productie en consumptie zullen drastisch verminderen, de statusbehoefte zal veranderen.

Hij klinkt als een milieu-activist, maar is in werkelijkheid één van de meest succesvolle Nederlandse ondernemers van de laatste decennia. In 1973 richtte Wintzen in zijn flatje het automatiseringsbedrijf BSO op. In twintig jaar groeide het als BSO-Origin uit tot een multinational, die met ongeveer vierduizend werknemers het op één na grootste automatiseringsbedrijf is in Nederland. Wintzen is zich er maar al te goed van bewust dat hij die positie kan gebruiken om zijn pleidooi voor een ecotax te verspreiden. 'Als een politicus het zegt, wordt het terzijde geschoven met 'daar heb je er weer een'. Als een filosoof het zegt, dan is het maar een filosoof. Als een ondernemer het eet, is dat soms een reden tot luisteren.'

Kortzichtig

Niet hij is eigenzinnig met zijn milieuvisie, nee, Wintzen snapt de ondernemers niet, die niet inzien hoe kortzichtig ze bezig zijn: 'Een kind dat nog geen benul van geld heeft, dat neemt ook eindeloos uit de kas. Van een ondernemer verwacht je niet dat hij eindeloos uit de kas blijft nemen, omdat hij geacht wordt intelligent genoeg te zijn om te zien dat na verloop van tijd die kas op is.' De Club van Rome had twintig jaar geleden al groot gelijk, dat een expanderende economie op een beperkte planeet per definitie onhaalbaar is. Dat is mijn pleidooi. Ik wil juist business in stand houden.' De ecologische belasting van Wintzen heeft niets van doen met de regulerende energieheffing, die op het moment zowel nationaal als in de Europese Gemeenschap zo heftig ter discussie staat. Tegen die ecotax heeft hij een groot bezwaar. 'Hij is te eenzijdig en het gaat vooral veel te hard. Geef ondernemers de tijd maar, je moet zulke dingen niet rats boem doen. Dan krijg je al die ondernemers altijd tegen je.' Tijd krijgen ondernemers van Wintzen, maar de strekking van zijn voorstel gaat veel en veel verder dan een energieheffing. In een tijd van vijftien jaar - 'voor mijn part vijfentwintig jaar' - moet het fiscale bouwwerk radicaal veranderen. Niet personele lasten moeten de grondslag van het belastingstelsel zijn, maar een ecologisch belasting. Breed gesticulerend zet Wintzen in een klein college enthousiast zijn voorstel uiteen. Zelfverzekerd laat hij zich niet van de wijs brengen door vragen, alleen onderbreekt hij zelf af en toe voor een stilte waarin hij geconcentreerd door het raam naar buiten staart om zijn snel overlopende gedachten te ordenen.

Twee gigantische problemen

De wereld van vandaag heeft te kampen met twee gigantische problemen, analyseert hij. Het werkloosheidsprobleem en het ecologische probleem. Het huidige fiscale bouwwerk is een belangrijke oorzaak voor beide. 'De overheid heeft in zijn oneindige wijsheid een fiscaal bouwwerk bedacht, waarbij verreweg het grootste deel van de inkomsten personeel gerelateerd is. Hoe meer mensen je in dienst hebt, hoe zwaarder je belast wordt. En dan heb je de BTW, de meest ecologisch vernietigende belasting die ooit is uitgevonden, omdat die alles belast behalve het materiaal.'

De oplossing van Wintzen is simpel. Maak het gebruik van materiaal veel duurder door een ecologische belasting en maak het aantrekken van personeel weer veel aantrekkelijker door de personele lasten drastisch terug te brengen. 'De ondernemer optimaliseert in het huidige systeem naar zo min mogelijk mensen en zo veel mogelijk materiaal. In mijn systeem zal hij optimaliseren naar zo min mogelijk materiaal en zo veel mogelijk mensen.'

De grondslag

De vrije markteconomie heeft gewoon één manco, vindt Wintzen. In het spel van de vrije markt wordt één speler niet betaald voor wat hij heeft geleverd, de planeet. 'Als moeder Aarde zelf de rekening niet stuurt, dan zal je het als Staat moeten doen.' Wintzen heeft daarom een geheel nieuwe grondslag voor het fiscale bouwwerk bedacht: 'de onttrokken waarde'. Hij onderscheidt daarvoor twee aspecten van materiaalverbruik. 'We onttrekken iets aan de aarde als we het eruit halen en ten tweede onttrek je kwaliteit aan de oppervlakte door het verbruik en het afdanken. Voor beide betaal je nu niets.' In de plannen van Wintzen zal de overheid de rekening moeten gaan sturen voor beide onttrekkingen. 'Daar moet een hele last op drukken die even groot moet zijn als de theoretische herstelkosten. Dan kun je kibbelen hoe groot die zijn natuurlijk, maar daar zijn veel theoretische modellen over.' Wintzen erkent dat deze modellen nog discutabel zijn, maar dat mag de plannen niet belemmeren. 'Je kunt dan wachten tot we uitgediscussieerd zijn en we allemaal ten ondergegaan zijn. Of je neemt een voorlopige oplossing en we merken in de loop van de tijd wel welke graad van wijsheid we hebben gehad in het begin. En ze zijn niet vooral discutabel, maar vooral lobbyabel.'

Drie stappen

De invoering van een dergelijke belasting moet gefaseerd gebeuren, uitgespreid over een periode van vijftien of vijfentwintig jaar, betoogt Wintzen. Hij noemt drie stappen die moeten worden gezet.

Zijn eerste stap is het uitbreiden van de Wet op de jaarrekening met een ecologische paragraaf, waarin staat dat iedereen een ecologische boekhouding moet bijhouden. Het is een belangrijke spil in zijn verhaal. 'Heb je ooit een ondernemer gezien die zijn winst optimaliseert zonder boekhouding? Willen wij wel ons ecologisch systeem verbeteren zonder boekhouding? Onmogelijk, want je weet niet wat je aan het doen bent.' Met zijn eigen BSO deed hij twee jaar geleden al een voorzet. 'Natuurlijk was dat geen coïncidentie.' De opgave viel wel mee: 'We hebben de berekening over de specifieke onttrokken waarde uit bestaand materiaal gehaald.' Discussies? 'Pak maar wat er ligt aan materiaal. Wat is de reden dat iedereen zo lang wil discussiëren? Als we praten hoeven we niets te doen.' Stap twee volgt na vijf jaar: het belasten van de onttrokken waarde. 'We beginnen met vijf procent en laten dat gefaseerd oplopen tot honderd procent over een tijd van x jaar. Tegelijkertijd moet je al die rare personeelslasten verminderen met evenveel, zodat uiteindelijk de balans neutraal zal zijn.' De tijdsfactor neemt hier een centrale rol in zijn voorstel. 'In mijn systeem geef je de ondernemer de tijd. Vijf jaar om na te denken hoe die het gaat aanpakken. En ten tweede kan hij zèlf beslissen hoe hij het gaat aanpakken. Of hij van product gaat veranderen. Of hij de consument anders gaat beïnvloeden.' De derde en laatste stap: 'Belastingen gebruiken voor herstelwerkzaamheden. Dan kom je geld tekort, zal je zeggen, wantje gaat dingen doen die je daarvoor niet deed.' Maar, de milieu-opruimkosten zullen minder hoog uitvallen dan we verwachten, beweert Wintzen. 'Het is een kwart van wat we op de wereld aan defensie uitgeven.

Verbeelding aan de macht

Invoering van dit systeem zal vergaande consequenties hebben voor zowel productie als consumptie. Als ondernemers maar genoeg fantasie hebben, is omschakeling met zijn plan geen enkel probleem, vindt Wintzen. Hemzelf ontbreekt het geenszins aan verbeeldingskracht. Sneller sprekend schetst hij mogelijke scenario's voor verschillende industrieën. Een kwajongensachtige twinkeling schittert in zijn ogen. 'Wat gebeurt er met de olie-industrie? Die moet zichzelf niet langer zien als oliemaatschappij, maar als handelaar in energie. Als we straks met de belasting op onttrokken waarde naar een benzineprijs gaan van tien tot twintig gulden dan wordt autorijden niet leuk meer. Als je ze vijftien jaar de tijd geeft om aan de slag te gaan, gaan ze serieus uit puur glasharde economische redenen hun toppunt aan creativiteit aanwenden om energie te leveren die minder kost.' Ook de kunststofindustrie krijgt te kampen met een fiks hogere olieprijs. 'Die gaan het recyclen pas echt ontdekken, want de maagdelijke korrel zal een vermogen kosten, maar die gerecyclede korrel is geen onttrokken waarde. Recycling zal dan op economische gronden en niet door vage wetgeving van de overheid doorbreken. Al die lapwetjes zijn niet meer nodig. Eigenlijk kunnen we met mijn systeem de 'm' in Vrom wel weer schrappen.'

'Bediening komt terug'

Supermarkten zullen in Wintzen's scenario onherkenbaar zijn. 'Bediening komt weer terug en supermarkten komen als ze het goed gaan doorrekenen vermoedelijk weer uit op thuisbezorging. Verpakking in de extreme vorm waarin het nu bestaat verdwijnt, want het verliest zowel de hygiënische functie als de functie van verborgen verleider. Je kunt je bijvoorbeeld voorstellen dat mensen elektronisch gaan shoppen. Op de buis kun je de verleidelijkste filmpjes draaien waarom je die of die tandenborstel moet hebben.' Als laatste belandt Wintzen bij transport. Laatst op een milieucongres in Hongkong had een vliegmaatschappij een prachtig groen praatje. Zo vraagt men tegenwoordig of men wel een plastic zak wil bij de aangeschafte spullen. Ik denk dan: heb je ooit wel eens gevraagd aan je passagiers of ze dat transport wel nodig hebben.' Vliegmaatschappijen moeten zichzelf als communicatiebedrijf gaan zien, vindt hij. 'Want het gekke is: vliegtuigen verplaatsen voor het grootste deel informatie. Waarom installeren ze niet gewoon videoconferencing en rekenen ze driehonderd gulden de man?' Wintzen komt weer tot rust. 'Als je nagaat hoe in de laatste 25 jaar de wereld veranderd is, blijkt toch wel de flexibiliteit van mensen. Alleen, onze fantasie schiet nog tekort.' Tevreden leunt hij achterover. 'Dat is mijn verhaal.'

Waterdicht idee

Wintzen is overtuigd van zijn gelijk. 'Je moet toegeven, het is een waterdicht idee, zegt hij uitdagend. Ik heb al 100.000 discussies gevoerd. Geen enkele ondernemer zegt, het is een onjuiste gedachtegang. Het enige dat de ondernemer zegt is dat het politiek onhaalbaar is.' Maar hoe denkt hij dan dat zijn idee ooit werkelijkheid zal worden? 'Ik heb geen enkele seconde de illusie dat ik de wereld binnen een uur heb omgepraat. Maar ik denk wel hoe meer aandacht je eraan geeft, hoe beter.'

Lobbyen is het motto. 'Je hebt een overheidslobby, een producentenlobby en een consumentenlobby tegelijkertijd nodig', stelt Wintzen. Hij heeft uiteindelijk zijn hoop gevestigd op de OESO. 'Dat is de enige instantie waar overheden en bedrijven naar luisteren. Laat de OESO maar een ecologisch researchteam neerzetten dat maatgevend is. Maar begin ergens!' Dat 'ergens beginnen' zal wel op grote schaal moeten. Hoe moeilijk het is om op een lager niveau veranderingen te bewerkstelligen, heeft Wintzen in zijn eigen bedrijf gemerkt. Uit de milieujaarrekening van BSO uit 1991 blijkt, dat de voornaamste schade aan het milieu door het bedrijf de kosten van autogebruik zijn. Maar liefst 3,5 miljoen gulden. Het terugdringen van de autornobiliteit blijkt sindsdien een lastige opgave. Als BSO alleen krijg je het niet voor elkaar. Niet als kleine groep.' Een algehele rnentaliteitswijziging zal onvermijdelijk zijn. Ook voor zijn eigen werknemers is de auto het statussymbool. 'De peniskokers van vandaag zijn de BMW's uit de 7-serie.' De statusbehoefte bestrijden wil hij niet. 'Maar waarom zou status alleen moeten blijken uit materiële goederen?' vraagt hij zich af. De oplossing? 'Simple human art komt weer terug. In onze haast om zo veel mogelijk te produceren met zo min mogelijk mensen, krijg je natuurlijk vreselijk saaie eenheidsproducten. Maar waarom zou je niet een kleinere auto door Karel Appel laten beschilderen?'

Idee voor milieuplannen Terug naar BSO. Het bedrijf dat zo bekend is door zijn decentralisatie in autonome cellen, wilde door de directeuren van die cellen milieuplannen op laten stellen. Het komt moeilijk van de grond, kan Wintzen niet ontkennen. 'De bomen groeien niet meer tot aan de hemel. We zijn druk bezig om in een zware markt goed te functioneren', zegt hij, niet blij met de vraag. 'Je moet het niet afdwingen. Het is nu nog in een mentaal stadium. Afgedwongen maatregelen zijn er om ontdoken te worden. En BSO zit zo niet in elkaar.' Hij staart weer even naar buiten. 'Maar het is jammer dat we niet sneller opschieten', zegt hij met een lichte teleurstelling in zijn stem. Snel gevolgd door een krachtig. 'Het is duizend maal zo belangrijk dat we het systeem gaan wijzigen. Als je het systeem gaat wijzigen, wordt milieugedrag natuurlijk en hoeft het niet meer te steunen op idealisme. De verandering zal niet lang op zich laten wachten, denkt Wintzen. 'Deze eeuw nog', roept hij optimistisch uit. Waarom? 'Omdat het water ons aan de lippen staat. Het C02 effect is duidelijk, de CFK-effecten zijn een grote milieuramp. Het probleem van de pinguïns blijkt nu ook een Nederlands probleem te zijn.'

'BMW's uit de 7-serie zijn de peniskokers van vandaag'

» Article index