ECKARTS NOTES. Click here to read more and order!

Eigenzinnige wereldverbeteraar

Jul 31, 2007 (C-Sharp , Dennis Gandasoebrata )

In een bosrijke omgeving zetelt Eckart Wintzen, ondernemer op het gebied van automatisering met een allesbepalend doel: de wereld helpen verbeteren. Vanuit zijn bosschuur bestiert de expressieve wereldverbeteraar en visionair zijn ‘green venture capital'-onderneming Ex'tent. C-sharp sprak met Wintzen over zijn uitdagingen, beweegredenen en drijfveren. "Als je het interview met dit soort vragen begint, heb ik er weinig vertrouwen in".

Bij velen staat Eckart Wintzen bekend als de oprichter van automatiseerder BSO, het latere Atos Origin. Na de verkoop van de onderneming aan Philips, wendde Wintzen het vergaarde kapitaal aan voor de oprichting van Ex'tent. Dit bedrijf financiert en adviseert in projecten, die naast winst ook sociale en ecologische doelen nastreven.

Met Ex'tent concentreert u zich op deelnemingen die minder nodeloos gebruik maken van ‘aardse bronnen'. Wordt er ook nog geld verdiend?

"Begrijp me niet verkeerd, de projecten streven wel degelijk winst en het behoud van een levendige economie na. Maar daarnaast ligt de aandacht bij deze initiatieven ook op andere aspecten, zoals oog voor het milieu. Realiseer je je trouwens dat het woord ‘welvaart' een eigen leven is gaan leiden? Welbevinden wordt per definitie gelijk gesteld aan welvaart. Het is kopen, hebben en weggooien. Wist je dat minder dan vijftien procent van ons Bruto Nationaal Product strikt genomen nodig is om te surviven? De rest is het welvaartstuk. Echt geluk zit in je hoofd, niet in je handen."

Ja ja, u hebt makkelijk praten.

"Heb ik ooit iets anders verkondigd, dan? Ook jij hebt makkelijk praten, je verdient meer dan, bijvoorbeeld, iemand in India gemiddeld opstrijkt. We willen er allemaal netto op vooruit gaan. Er heerst nu een mentaliteit waarbij geldt dat wat er morgen is, mooier moet zijn dan wat er vandaag is. Als vandaag maar beter is dan gisteren. Natuurlijk ondervind ook ik een vorm van materialisme. Ik word ook blij van die nieuwe digitale camera. Het gaat erom dat we in een systeem zijn beland waarin we allemaal tegen elkaar moeten opboksen."

Waar komt uw interesse in automatisering vandaan?

"In 1965 stonden er tien computers in heel Nederland. In die tijd was ik in dienst. Door mijn wiskundige achtergrond was ik terechtgekomen in de artillerie. Ik hield me bezig met automatische vuurlijnsystemen. In een van de handleidingen werd de werking van een computer tot in detail uitgelegd. Die materie fascineerde me mateloos. Direct na mijn diensttijd ben ik gaan solliciteren bij diverse IT-bedrijven en uiteindelijk aan de slag gegaan als programmeur bij Philips. Totdat ik erachter kwam dat er binnen deze organisatie maximaal één promotie per twee jaar kon plaatsvinden. De starheid van dat mechanisme! Op termijn zelf ondernemen lag dan ook voor de hand."

U bent een van de initiatiefnemers van de Eye Catcher, een systeem voor videocommunicatie. Dat zijn toch van die oplossingen die tien jaar geleden ook al bestonden en tot nu toe nauwelijks voet aan wal hebben gezet?

"Waarom stapt iedereen in dat vliegtuig voor die talloze meetings? Dat is om beelden te zien. Niet om diegene aan te raken of te ruiken. Videocommunicatie is dan ook niet meer dan logisch. Er bestaat echter nog teveel conservatisme. Daarom zijn er gekken zoals ik die zulke oplossingen luid verkondigen. Toen geluid werd toegevoegd aan film, ontstond er een halve opstand in de cine-industrie. Geluid zou de magie van film aantasten. Toen televisie van zwart-wit naar kleur overging, speelde hetzelfde scenario zich wederom af."

De Eye Catcher vormt dus een waardig alternatief voor ‘real life'-vergaderingen?

"Je kunt sowieso vraagtekens plaatsen bij de effectiviteit van vergaderingen. Als je een nieuw idee hebt, introduceer je dat echt niet in een onvoorbereide groep. Je legt je model eerst voor in kleine groepjes om de haalbaarheid te toetsen. Dat je het vervolgens in de vergadering ter sprake brengt, is niet meer dan een formaliteit. Wanneer ik mijn kantoor in de Verenigde Staten wilde bezoeken, werd er van te voren gezegd ‘Eckart komt langs'. En werden de nodige adviseurs en wat al niet meer erbij gehaald. Waarop ik het natuurlijk ook niet kon laten de nodige experts vanuit Nederland aan de vergadertafel te laten aanschuiven. Meetings worden dan ook vaak gereduceerd tot een spel van ‘hide & seek', en beperken zich tot het bespreken van goed nieuws. Bijzonder vermoeiend allemaal.  De kleine verhalen krijg je niet te horen in de boardroom, zo simpel is het. Daar heb je één-op-één contact voor. De kracht van de Eye Catcher is overigens dat je elkaar recht in de ogen kunt kijken, zonder dat je de camera ziet. Vergelijk het met de autocue van de nieuwslezer. Dit maakt het gesprek natuurlijk en voorkomt dat je onnodig zenuwachtig wordt."

Over innovatieve projecten gesproken, hoe vindt u dat we het doen in Nederland?

"Nederland noemt zichzelf nu graag een kennisland. Waarom wordt er van de 87 miljard euro aan investeringen dan slechts 250 miljoen gereserveerd voor breedband en een veel groter deel voor de aanleg van nieuwe wegen? Ik kan me die verdeling wel voorstellen als Nederland zich nog wil profileren als distributieland. Maar volgens mij was dat iets van de jaren zeventig. Kijk eens naar landen die een luttele drie jaar terug nog werden aangemerkt als derdewereldland. Veel ervan zijn nu centra van welvaart, niet gehinderd door enige vorm van ouderwetse of achterhaalde technologieën. Al in 1995 riep ik dat huishoudens minstens 10 Mbit per huishouden moeten hebben. Dat we dat nu ondertussen zouden hebben? Wat een grote onzin! De computer is sneller geworden, de beeldkwaliteit heeft zich verbeterd, maar die telefoonlijn is hopeloos achtergebleven. De gemiddelde gebruiker moet het doen met een fucking halve megabit. Waar blijven de mogelijkheden voor streaming video in hoge resolutie? Dat kan pas als we minimaal 50 megabit kunnen benutten. Nu zie ik mijn bandbreedte instorten als de buurman porno aan het downloaden is."

Hebt u nog specifieke plannen voor de toekomst?

"Ach, ik zie wel wat er voorbij komt. Oorspronkelijk vond ik bijvoorbeeld gaming helemaal niks, terwijl ik daarvan nu de potentie duidelijk inzie. Gaming is een van de mooiste voorbeelden van een virtuele economie. Neem de ‘massive multiplayer games', waarbij fanatieke spelers maandelijks zo'n vijfentwintig tot honderd euro spenderen aan virtuele hebbedingen. Zo'n oplevende economie staat mij aan, en nodigt uit om mee aan de slag te gaan. Sinds enkele maanden maak ik bijvoorbeeld deel uit van het Game Entertainment Advisory Board, dat advies geeft op het gebied van online community games. Er valt nog genoeg te doen en te innoveren, ook op dat gebied. Heb je genoeg materiaal? Mooi. En nou oprotten."

» Article index