Geen financier wilde erin stappen
Gijs van Lookeren Campagne en Jan Borghuis werden voor gek verklaard toen ze met deelauto-initiatief 'Greenwheels' van start gingen. 'Onhaalbaar', was de reactie van financiers. Maar het duo bleef in de eigen plannen geloven en vierde dit jaar het eerste lustrum. 'Wij hebben echt het gevoel dat we erin slagen om tot een ander mobiliteitsconcept te komen', menen ze.
ROTTERDAM - Gelukkig maar dat Gijs van Lookeren Campagne (33) een echtgenote met een baan had en Jan Borghuis (32) een aantal meelevende huisgenoten. Anders had deelauto-initiatief `Greenwheels' misschien net als zijn Amsterdamse evenknie `Autodelen' de deuren moeten sluiten. Maar Greenwheels overleefde de aanloopfase en kon afgelopen juni zijn eerste lustrum vieren met een optreden van transportminister Netelenbos.
Het wagenpark telt intussen enkele honderden Peugeots 106 (andere auto's heeft Greenwheels niet). In september werd de website geopend, waar de abonnees continu een auto kunnen reserveren en begin deze maand werd de 24-uurs service vervolmaakt met een voice- responssysteem. Tot op heden bemanden Van Lookeren en Borghuis vaak nog zelf de telefoon tijdens nachtelijke uren. `We proberen het eigen autobezit zo dicht mogelijk te benaderen. Anders wil de consument de vrijheid van eigen vervoer niet opgeven. Maar om al die technische snufjes te realiseren hebben we wel jarenlang op een houtje moeten bijten. Als je de uren optelt die we hierin hebben zitten, dan zou iedereen zeggen: die zijn niet goed wijs.'
`Achteraf bezien', zegt Van Lookeren, `zijn we ook gek. We hadden allebei een keurige baan. Ik ben afgestudeerd bedrijfseconoom en was werkzaam bij Arthur Andersen als assistent-accountant; ik heb er zelfs nog mijn opleiding als registeraccountant voltooid.' Borghuis, die econoom is, gaf les aan de Nima-a en -b-opleidingen, het vakdiploma voor marketing en strategie. `Na mijn afstuderen in 1994 was ik nog acht maanden fulltime aan die instelling verbonden als afdelingshoofd.' Maar `het plan', dat min of meer als een grap was begonnen, bleef om uitvoering schreeuwen. Van Lookeren: `We geloofden er eenvoudig in.'
In 1994 hadden de Rotterdamse studievrienden zich ingeschreven voor een wedstrijd om het beste ondernemingsplan. Er viel namelijk f 50.000 mee te winnen. Van Lookeren had net een artikel in lntermediair gelezen over het succes van gedeeld autogebruik in Berlijn en was enthousiast geraakt door het idee. `Ik dacht: met mijn accountancy- achtergrond en de marketingkennis van Jan moet het toch lukken om de prijs in de wacht te slepen. Pas later zagen we dat die in kantoormeubelen werd uitgekeerd!' Het maakte niet uit: het bedrijfsplan werd `wegens gebrek aan realiteitszin' terzijde geschoven. Borghuis: `Het ondernemingsplan was doorspekt met technische snufjes waar de jury kennelijk weinig verstand van had. We hadden er veel moeite voor gedaan: computergestuurde kluizen hadden we na lang zoeken in Amerika gevonden, boordcomputers waarmee de auto's moesten worden uitgerust hadden we bij een technische hogeschool in Duitsland opgedoken.'
Van Lookeren: `Een initiatief als Greenwheels is nu eenmaal tamelijk gecompliceerd. Het succes hangt af van een hoop componenten. Je moet met de overheid in de slag voor, bijvoorbeeld, de gereserveerde parkeerplaatsen; je moet contacten leggen in de autobranche om aan auto's te komen en je moet je oriënteren op het gebied van techniek, om met de auto's te kunnen communiceren en ze daarmee zo efficiënt mogelijk te kunnen benutten. `
Het duo was gaandeweg het onderzoek erg van de haalbaarheid van het plan overtuigd geraakt. Van Lookeren: `We ontdekten dat het ministerie van Verkeer en Waterstaat al een hoop onderzoek verricht had op het gebied van dergelijke initiatieven, ook in samenwerking met de Bovag en de ANWB, wat later resulteerde in het project "Auto op afroep". In november werd in de Rotterdamse gemeenteraad een motie aangenomen die een auto-deelsysteem mogelijk zou maken. In ons gevoel kwamen we met het juiste initiatief op het juiste moment.' Maar toen zij najaar '94 hun plannen wilden concretiseren, kregen Van Lookeren en Borghuis overal nul op het rekest, hoewel Van Lookeren bij Arthur Andersen klanten had in de autobranche en hij zijn afstudeerscriptie over management buy-ins had geschreven. `Ik had best wat relaties die ik kon benaderen, maar niemand wilde er instappen. Iedereen vond het een onwerkelijk plan.'
Tenslotte begonnen Borghuis en Van Lookeren met z'n tweeën, in een halve suite in een kantoorpand op de Heemraadssingel, van hun eigen geld en met de toezegging van Peugeot-importeur Nefkens dat ze de drie tweedehands leaseauto's terug mochten geven als het initiatief een vroege dood zou sterven. Van Lookeren: `We hadden helemaal niets. Zelfs geen geld om reclame te maken.' Borghuis: `Toen we in juni 1995 ons bedrijf stamen, stond er alleen een telefoon in een hoek en ergens op de grond nog een fax en een computer met een printer.'
Alles deden ze zelf, auto's schoonmaken, strategische beslissingen nemen, inkopen doen. En dag en nacht de telefoon bedienen. Van Lookeren: `De voorwaarde was immers dat onze klanten 24 uur per dag over een auto zouden kunnen beschikken.' Ook tussendoor bleef het duo zoeken naar financiers, die nodigwaren om de landelijke ambitie van Van Lookeren en Borghuis vorm te geven. Inmiddels was wel een nieuw uitgiftepunt in Utrecht gerealiseerd, waarvoor fiks in nieuwe techniek was geïnvesteerd. Borghuis: `We hadden in Utrecht geen kantoor en moesten alles op afstand kunnen bewerkstelligen.'
De doorbraak kwam in 1997. De NS had net marktonderzoek laten verrichten naar aanvullende ver- voerswensen van passagiers. Behalve Greenwheels reageerde ook de ANWB met `auto op afroep'. Van Lookeren: `Een typisch voorbeeld van de reus en kleinduimpje. Een grootmacht tegenover twee jongens zonder personeel. Maar tot ons geluk hadden we het juiste concept. Wat wij deden kwam het dichtst bij de wensen van de klanten en de NS ging met ons in zee. Vrijwel tegelij- kertijd kwamen we Eckart Wintzen (oprichter van BSO, red.) tegen die ons project, als eerste, wél zag zitten. We hebben er een uurtje gezeten, toen waren de zaken voor elkaar.'
Inmiddels is Greenwheels in tien plaatsen op 187 uitgiftepunten met één of meer auto's beschikbaar, vaak in de buurt van NS-stations. Toch valt er nog een hoop te verwezenlijken. In het nieuwste onderzoek van Verkeer en Waterstaat blijkt dat in principe 400.000 Nederlanders in de toekomst willen autodelen. Borghuis: `Maar dat duurt zeker nog jaren. Het vergt ook een maatschappelijk omslagpunt: het publiek zal moeten wennen aan de gedachte dat je niet meer bezit maar beschikt.'
Waarom Greenwheels het heeft gered? Van Lookeren: `Het helpt toch als je een goede opleiding achter je hebt staan. Dan ben je in staat om op tijd te professionaliseren. Een organisatie moet klaar zijn om tien- of twintigmaal zo groot te worden. Dan kun je in principe de toekomst aan.' ßorghuis: `De uitdaging dat je met meer bezig bent dan een bedrijfje op te richten houdt je overeind.
We hebben een formule die een oplossing biedt aan een maatschappelijk probleem. Het is veel makkelijker om tweedehands Amerikaanse cabrio's te importeren, maar dan draag je juist bij tot een maatschappelijk probleem. Wij ondernemen in het brandpunt van een maatschappelijke gedragsverandering, dat levert veel beperkingen op, maar het is wel spannend.'

