Gouden Vis?
Eerlijk gezegd was ik wel een beetje bang dat mij hetzelfde zou overkomen als destijds het vrouwtje Piggelmee. Zij mocht alles wensen wat zij wilde en kreeg dat ook van het tovervisje. Tot ze om betere koffie dan Van Nelle vroeg (of was het nou Douwe E?), toen werd het visje zo kwaad dat het al haar eerder vervulde wensen weer terugnam. Wat trouwens best flauw is voor zo'n stom kopje koffie!
De voorzienigheid weliswaar dit maal niet zichtbaar in de vorm van een goudvisje had al mijn wensen vervuld bij de opvolging van Annelies. Linda was efficiënt, prima opleiding en ervaring als secretaresse; bovendien als ex-stewardess was zij een geroutineerd gastvrouwen kende ze alle plekken van de wereld: handig bij het regelen van mijn reizen. Als ex-modeontwerpster altijd prima in de kleren en tot in de puntjes verzorgd, een lieve telefoonstem, representatief uiterlijk en zeker niet te beroerd om allerlei K-klusjes op te knappen.
Wat wil een mens nou nog meer zou je zeggen, dat wist ik dus zelf ook niet zo precies, er was alleen die "kleinigheid" en dat was dat ik mij niet zo lekker voelde in haar nabijheid. Alles wensen denk je dan, je mag van zo'n nieuwe Linda natuurlijk niet hetzelfde verwachten als je gewend was van Annelies met wie je bijna tien jaar hebt samengewerkt. Maar het was wél afzien! Tot ik mij na twee maanden en een dag realiseerde dat alles goed en wel was, goede opleiding, aardig ingewerkt en zo, maar dat ik nog nooit een persoonlijk woord had gewisseld en erger nog dat wij nog nooit samen gelachen hadden en het allerergste, dat gezien ons beider chemische samenstelling dat ook wel nooit zou gebeuren.
En vooral het laatste leek mij een erg onplezierig vooruitzicht, temeer daar ik nog zo'n vijfentwintig jaar te gaan heb voor mijn VUT -althans voorzover de V van VUT voor "vrijwillig" staat en niet voor "veel-te-vroeg".
Met lood in de schoenen vroeg ik dus aan het visje of het toch nog een onsje meer mocht zijn (en professioneel en lachen!). Nogal geïrriteerd verdween het visje drie weken onder water, maar kwam boven met een big smile en het goede nieuws dat hij een prima oplossing voor Linda had gevonden.
Voor mij had hij Caroline in de hand (op de vin zo je wilt). Je weet het natuurlijk nooit zeker, laat staan hier op mijn vakantiestek, waar ik dit zit te schrijven zonder alle "unterlagen" over C's background en zo, maar ik heb een lekker gevoel en nogal wat BSO-ers met mij, die met de veel betekenende duim omhoog bij mij om de hoek kwamen kijken en een externe beller die vroeg wie "dat heerlijke mens" was.
En als dit stukje nou ook nog foutloos in BeSOgnes nr. 18 van 1 september 1989 komt te staan dan kan "dat heerlijke mens" kennelijk behalve lachen en regelen ook nog een telefonisch dictaat opnemen. Voorlopig heb ik niets meer bij het visje te zeuren.
Eckart
P.S. Vanaf deze plek in Frankrijk trouwens ook nog de zeer speciale groeten en veel dank aan Rina Peek en Henk Mol van AT Rotterdam. Zij weten wel waarom!

