Hoe betrouwbaar is een trui.
Over de zin en onzin van kledingcodes
Kledingcodes zijn niet meer zo streng als vroeger, maar tòch. In de huidige complexe maatschappij zijn ze onmisbaar, vinden deskundigen Peter Beringer en Wilma Verhoeven. Onzin, zegt non-conformist Eckart Wintzen. Ze blijven altijd bestaan, voorspelt werkgever Marieke de Weerdt.
"Voor mij ben jij al acht jaar het grote voorbeeld", opent Wilma het gesprek. 'Van hoe het niet moet, neem ik aan', pareert Eckart. Waarna diens lachsalvo het ruim bemeten werkvertrek in beslag neemt. We zitten in Kasteel Moersbergen bij Doorn, waar het kantoor van Wintzens Ex'tent is gevestigd. Tien uur 's ochtends, het haardvuur knappert, en buiten schijnt een zwakke winterzon. Als na enkele seconden de rust is weergekeerd, verklaart Wilma: "Nou, jij bent het voorbeeld van hoe je tòch succesvol kunt zijn, terwijl je de regels negeert.'
Waarmee we direct voor de vraag staan wat die regels dan wel zijn. Of specifieker, wat die kledingregels inhouden. Wilma produceert een definitie. "Door je kleding kun je laten zien waarvoor je staat en wie je bent. Het is non-verbale communicatie. Bedrijven investeren in hun huisvesting, visitekaartjes, huisstijl en auto's. Ze denken goed na over het eenduidige beeld dat ze naar buiten willen brengen. Daar hoort kleding duidelijk bij. Elk beroep kent een kledingcode. Wat draagt bijvoorbeeld een maatschappelijk werkster? Een mantelpakje? Nee dus.
"Zo'n kledingcode maakt deel uit van het verwachtingspatroon dat anderen hebben. Je straalt respect uit voor degene bij wie je iets wilt bereiken. Dat kun je best met een trui. Maar als de ander dat niet verwacht, moet je twee keer zoveel moeite doen om jezelf te verkopen.» Peter, afgepast op maat formulerend, vindt dat kledingcodes voorzien in de behoefte aan zekerheid. "Bedrijven, maar ook individuen zoeken een stuk veiligheid in de verpakking van zichzelf. Dat kan kleding zijn, maar ook de auto, de woning, of de inrichting van het privé-leven. Mensen zoeken een soort bescherming bij elkaar."
Wilma: "De maatschappij verhardt en verruwt. Mensen willen ergens bij horen. Maar bij wie? Bij hun familie? Als je een beetje geluk hebt, ben je aan je tweede of Peter Beringer: "De mensen zoeken meer houvast. Dat zie je op alle fronten."
derde partner toe en heb je 'tig' schoonfamilies achter je gelaten... De familieclan, de buren, de kerk, die betrokkenheid bij de samenleving is er niet meer. Dus wat zoek je? Gelijkgestemde mensen die de sociale geborgenheid bieden waar jij je happy bij voelt. Kleding is daar een onderdeel van."
Maar het is toch treurig dat je veiligheid moet zoeken in kleding?
Eckart: "Dat vind ik ook. Maar het is wel zo. Mensen denken dat je niets voorstelt als je niet in een BMW rijdt. Daarom willen ze een representatieve auto hebben. Wat een gelul. Ik bedoel, bedenk eens iets anders.'
Peter: "je moet het niet negatief benaderen. je speelt gewoon met gegevens uit de maatschappij. Die zit nou eenmaal zo in elkaar. Jaren geleden zijn we allemaal een eigen weg ingeslagen, om ons maar niet te hoeven conformeren aan het stoepjes schoonmakende Nederland. Nu zoeken de mensen weer houvast.
Dat zie je op allerlei fronten. We volgen elkaar in wonen kledingprogramma's, en zelfs op het spirituele vlak. Grote groepen mensen zitten blijkbaar te wachten op goeroes die met veel energie een boodschap overbrengen,
Wilma: 'kledingcodes betekenen overigens niet dat er geen enkele individuele vrijheid overblijft. Maar de mensen zijn op zoek naar grenzen. Daarom nemen etiquettecursussen zo'n vlucht. De do's en dont's. Het gaat dus niet om welke soort schoenen je moet dragen. Wel om welke kleur schoenen het beste staat onder een grijze broek of rok.'
Marieke: "Toch zie ik dat kledingcodes strak geïnterpreteerd worden. Ons bedrijf kent dan ook geen strikte code. Want wij onderscheiden ons met name door individualiteit. Dan moeten de medewerkers zich dus niet eenvormig presenteren. Wij hanteren wel algemene basisregels. Een leren rok kan. Een spijkerbroek niet. Binnen die regels bestaan ruime mogelijkheden om de eigen smaak toe te passen. Met een creatief gebruik van kleur bijvoorbeeld kun je de zaak een stuk aantrekkelijker maken. '
Wilma: "je moet kleding kiezen die past bij je persoonlijkheid èn bij de omstandigheden. Als je die twee regels vasthoudt, kom je een heel eind. Dan kun je je kleding vergeten en aandacht besteden aan je werk. Heb maar eens een jasje aan dat net iets te krap zit. Dat hindert de hele dag."
Bruin, blauw en grijs Met name de professionals aan tafel mogen dan individuele vrijheid zien binnen de codes, toch is niet aan de indruk te ontkomen dat codes vaak nauw luisteren. Zo schijnt bankpersoneel zich niet in het bruin te kunnen vertonen. Met blauw en grijs zou het zakendoen een stuk soepeler verlopen. Heeft Eckart ooit met dergelijke regels rekening gehouden? Ik geloof het statement niet. Het hangt helemaal af van wie met wie praat en waarover."
Ik zoek ondersteuning van een softwarehuis.
Eckart: "En er komt iemand met groen haar en een oorbelletje?"
Wilma: "Prima. Een softwarebureau. Creativiteit. Andere invalshoek!'
Eckart: "Als ze die durven te sturen, moet hij ècht wel iets kunnen."
Marieke: "Nou, en een secretaresse dan met vijf oorbellen?"
Eckart: "Raak je die aan de straatstenen niet kwijt? Daar heb ik geen moeite mee, hoor. Stuur haar maar naar mij.
Marieke: "Bij ons kwam een secretaresse met aan iedere donkerpaarse nagel een gouden ringetje."
Eckart: Ja, maar dat is ook non-verbale communicatie. Je kunt je afvragen waar dat mens de hele dag mee bezig is. Heeft ze nog tijd over om af en toe even iets te tikken en de telefoon aan te nemen? Of is ze de hele dag met die nagels bezig?
"Kijk, ik ben het meer met jullie eens dan jullie vermoeden. Alleen ben ik ervoor om eens een beetje na te denken over welke codes we nou eigenlijk hanteren."
Eckart geeft een voorbeeld. "Een boer heeft een krediet nodig voor een nieuwe stal. Hij gaat naar de Rabobank. Wat moet er nou gebeuren? Moet die boer een stads pak aantrekken om te laten zien dat hij kredietwaardig is? Of moet de bank er in een boerenpak bij zitten?"
Peter: "De buitenwacht mag in ieder geval verwachten dat de bank betrouwbaar is met geld en er zorgvuldig mee omgaat' '
Eckart: "Alsof je dat alleen kunt uitstralen in een pak. Waar komt dat idee vandaan, dat je niet betrouwbaar zou zijn als je een trui draagt? We proberen verouderde normen krampachtig in leven te houden. Terwijl de grootste boeven in keurige pakken rondlopen. Ik heb het grote genoegen om in de adviesraad te zitten van een grote bank.
Dan zitten we met z'n twintigen aan tafel: negentien van die fantasieloze pakken en ik. Allemaal jasje-dasje, van de knòtse
natuurlijk. Wat gaan we toch oncreatief om met de vormgeving rond ons lijf Een vlinderdasje kan eigenlijk niet meer. En met
een plastron loop je voor joker. Waarom geen jasje tot op de knieën?
"Bovendien vraag ik me af hoe vaak al die pakken gewassen worden. Sommige mensen zie je drie, vier weken in dezelfde outfit
rondlopen. (trekt een vies gezicht)Bluhhh."
Peter: "Iemand die nooit een pak draagt, zegt al snel dat alle kostuums saai en één pot nat zijn. Maar wie er dagelijks mee te
maken heeft, kan genieten van mijnheer A die een handgemaakt kostuum draagt met een mooi katoenen shirt en een perfecte
das. Dan zie je een groot verschil met mijnheer B, die zich er met een jantje van Leiden heeft afgemaakt." Eckart: 'Nou, dan zijn
vrouwen veel verder. Die hebben zevenentwintig miljoen varianten voor wat je boven en beneden aan kunt trekken.'
Maar het mantelpakje staat nog steeds nummer 1.
Eckart: "Daar moet ik zo gigantico van braken. Van vrouwen die carrière willen maken en dan een mannenpak aantrekken. In de Verenigde Staten zie je dat heel sterk. Vrouwelijke managers dragen daar allemaal een donker mannenpakje met zo'n strikachtig iets erop. Die hebben dus gewoon een jasje-dasje aan.'
Wilma Verhoeven: 'Ik conformeer me aan de kledingregels. Maar ik blijf wie ik ben."
Verdomhoekje Kledingcode is de code van het moment, toegespitst op een situatie, formuleert Peter Tijd om het moment van deze dag eens onder de loep te nemen. Wilma heeft een rood jasje aangetrokken met een zwarte leren kraag. Eronder een zwarte leren rok, kousen en pumps. Ik vond het vanochtend moeilijk. Ik wilde zakelijk overkomen, maar niet in het geijkte mantelpak. Want ik wil tijdens een discussie over kledingcodes niet in het verdomhoekje worden geschoven van standaard en saai. Leer heeft iets confronterends. Met deze combinatie conformeer ik me dus wèl aan de kledingregels. Maar ik blijf wie ik ben.
"Verder is kleur belangrijk. Daarmee kun je een boodschap communiceren. In het rood en zwart van vandaag voel ik me zeker. Ik ben een sterke persoonlijkheid, maar ook ik heb mijn zwakke momenten en twijfels. Zo'n kleurcombinatie helpt mij dan met m'n uitstraling."
"Maar ik trek ook wel eens roze kleding aan. Vooral als ik bij mannen zakelijk iets gedaan wil hebben. Ik haat die kleur. Maar ze werkt perfect. '
Eckart: "ja, roze heeft een onderworpen signaalfunctie." Marieke draagt een modern donkerblauw pakje met grove ritsen en een tamelijk felgroen truitje eronder. Ook zij heeft daar diepere bedoelingen mee, zo blijkt. Ik heb vanmiddag belastingcontrole. Ik moet er straks zakelijk uitzien, maar niet al te afstandelijk. Dus niet knalrood of donkergrijs. Dat laatste is te afstandelijk, het eerste te dominant.'
Peter (donkerblauw maatkostuum, ruitjesshirt): "Het verrast mij dat de dames kleding nodig hebben om serieus genomen te worden. Daar schrik ik eerlijk gezegd een klein beetje van."
Marieke: 1k vrees dat het nog steeds zo is. Wanneer ik als directeur een grote klant moet binnenhalen, dan draag ik geen kort mantelpakje en hoge hakken. Want dat leidt af, dan ben je het meisje. En kun je een kwartier lang uitleggen wat je functie is en of je wel beslissingsbevoegdheid hebt, voordat je toekomt aan de essentie van het gesprek. In een wat langere rok of in een broekpak zie je er zakelijker uit. Dan heb je die barrières niet te overwinnen. Ik vind het triest, maar het is wèl de realiteit."
Ook Eckart (meermalen gewassen spijkerbroek, T-shirt en overhemd) herinnert zich nog wel dat hij nadacht over wat hij deze dag aan zou trekken. "Dat had niets met zekerheid te maken, maar uitsluitend met het verwachtingspatroon van iemand.'
Dat zijn non-conformisme te verklaren zou zijn door z'n comfortabele status van gearriveerd ondernemer, bestrijdt hij. "Provocatie heb ik altijd in me gehad. Voortdurend de grenzen aftasten van waar mensen mee bezig zijn. Natuurlijk zit ik in een levensfase waarin ik meer schijt kan hebben aan alles. Maar ik ben ook onderdeel van een trend. In het bedrijfsleven en de maatschappij vormen zich nieuwe krachten. Zoals groeperingen die sociaal verantwoord willen ondernemen. En die hebben lak aan ouderwetse kledingregels.
"Ik zat laatst in een gezelschap waar miljarden in omgaan. Daar droeg niemand meer een pak. De meesten hebben er niet eens meer één. Over tien jaar gaat eenderde van de mensen in het zakelijk verkeer net zo gekleed als ik."
Eckart Wintzen: "Over tien jaar gaat eenderde van de mensen in het zakelijk verkeer net zo gekleed als ik'"
Uniform Vooralsnog lijkt het tegenovergestelde eerder waar. Steeds meer organisaties gaan zelfs over op uniformering. Voor Oger een groeimarkt. Peter: "Een toenemend aantal bedrijven wil een duidelijke corporate identity uitdragen, mede door uniforme kleding. Door de jarenlange individuele vrijheid is een warrig bedrijfsbeeld ontstaan. Daar willen ze vanaf'
Wilma: "Ook medewerkers vinden een uniform vaak prettig, omdat ze geen verantwoordelijkheid meer hoeven te dragen voor de juiste kleding. '
Marieke: 1k betwijfel dat. Toen wij nadrukkelijk keken naar onze identiteit en uitstraling, bleek dat onze medewerkers bang waren om allemaal hetzelfde aan te moeten trekken.'
Wilma: "De keuze voor bedrijfskleding hangt af van de filosofie van de onderneming, en van hoe herkenbaar het personeel moet zijn. In het Holland Casino bijvoorbeeld hebben de medewerkers een signaalfunctie. Dat speelt in de uitzendbranche waarschijnlijk niet.'
Marieke: "Sterker, uniformen zouden alleen maar nadelig werken. We verkopen een dienst, dus onszelf Op het moment dat je allemaal in uniform verschijnt, is er geen onderscheid. ik ben zelfs heel erg tégen bedrijfskleding. Want niet iedereen staat hetzelfde. De één heeft een dikkere stof nodig, de ander juist een dunnere. Mensen voelen zich diep ongelukkig in uniformiteit."
Wilma: "Er liggen ook conflicterende belangen. De fabrikant van bedrijfskleding wil zoveel mogelijk uniformiteit in maten en uitvoeringen. Dat staat haaks op het belang van de individuele werknemer, die passende kleding zoekt. Bovendien maken nogal wat Franse ontwerpers de kleding. Zij houden geen rekening met de proporties van de Nederlandse vrouw. De gevolgen zijn dan ook niet bepaald vrouwvriendelijk.'
Peter: "Dameskleding is vrouwelijker dan ooit. Maar het matensysteem schiet technisch hopeloos tekort. Er bestaan meer dan dertig maten in het herensegment, terwijl de dames er misschien maar tien kennen. Voor heren is het veel eenvoudiger om een enigszins passend en comfortabel kostuum uit het rek te halen.'
Laatste vraag. Is kledingcode een 'hype' die, nu de massamedia zich erop storten, misschien al weer 'over the hill'is? Marieke: Ik denk dat kledingcodes geen trend zijn. Ze bestaan al weet ik hoelang en blijven altijd bestaan. Alleen de vorm en de groepen die zich eraan conformeren, dat wisselt
Eckart: "Sommige gedragsvoorschriften blijven gewoon zin houden. Zoals het feit dat je rechts een mes en links een vork vasthoudt, omdat je dan symmetrisch met elkaar zit. Of dat je je ellebogen bij je houdt. Maar daar kun je weer lak aan hebben als je aan een grote boerentafel zit met voldoende ruimte. (Tegen Wilma) "Het zou aardig zijn als jullie eens vaststelden welke regels nog wel, en welke niet meer zinvol zijn."
Marieke de Weerdt: 'Ik ben heel erg tégen bedrijfskleding. Mensen voeten zich diep ongelukkig in uniformiteit."
PETER BERINGER is manager Special Projects bij Oger. Dit herenkledingbedrijf, met vestigingen in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Breda, heeft onder anderen bekende politici en zakenmensen als klant. Special Projects is actief in uniforme bedrijfskleding.
WILMA L.A. VERHOEVEN is managing director van Wilmark, the personal styling company in Eindhoven. Met haar medewerkers ontwikkelt en traint ze representativiteit van mensen. Over dit onderwerp schrijft ze wekelijks een column in Margriet.
MARIEKE DE WEERDT is directeur van Werkwijzer Uitzendbureaus. Deze onderneming heeft vestigingen in Nijmegen, Arnhem, Gennep, Veenendaal, Veghel, Wageningen en Wijchen.
ECKART J. WINTZEN is directeur van Ex'tent, management & investment company. Ex'tent investeert in bedrijven die maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zoals Ben & Jerry's, 'puur natuur ijs', dat een deel van de winst afstaat aan sociale projecten. Wintzen is oprichter en voormalig president-directeur van BSO/Origin.

