In Unilevers ‘ijsrijk’ is niet alles te koop
Hééldewereld? Nee, een kleine nederzetting
bleef moedig weerstand bieden aan de overweldigers... Asterix
en Obelix verzetten zich tegen de Romeinen. Het Nederlandse
Sfeerbeheer verzet zich tegen de veroveraars van de
Nederlands-Britse multinational Unilever.
Ook in zijn koele rijk heeft Unilever, met afstand de
grootste ijsfabrikant ter wereld, niet de volledige controle
in handen. Unilever maakt morgen zijn jaarcijfers bekend over
het afgelopen jaar, inclusief de resultaten van het
ecologisch verantwoorde, Amerikaanse hippie-ijs-merk Ben
& Jerry's waar het een jaar geleden 725 miljoen
gulden voor betaalde.
Maar de halve liters Ben & Jerry's in de vrieskisten
van Albert Heijn en de scoopshops bij Jamin worden niet
geleverd door de verkopers van Unilever-ijsdochter Ola. De
import- en marketingorganisatie voor de Benelux is
zelfstandig en heeft nog een contract voor minimaal tien
jaar. De belangrijkste aandeelhouders zijn Eckart Wintzen
(oud-BSO Origin) en Jan Oosterwijk (Body Shop), beide van het
type ondernemer dat zich nergens toe laat dwingen.
"Na de overname heeft het hoofd kantoor van Ben &
Jerry's in Vermont heel informeel gevraagd of we te koop
zijn", vertelt de Nederlandse 'ijsmeester' Rens
Groeneveld desgevraagd. "Maar we zijn niet te koop. Het
gaat veel te goed. We zijn doen het zelfs beter in het
segment superpremium dan Häagen-Dazs terwijl we vijf
jaar later zijn begonnen."

