Innovatie is niet voor schijtlaarzen
Nederland heeft voldoende troeven om commercieel te profiteren van de trends op ict-gebied. Maar de twijfel knaagt, zo bleek vorige week vrijdag tijdens een symposium van het Centrum voor Wiskunde en Informatica in Amsterdam .
'Zonder lef geen innovatie' luidt de titel van het inleidende praatje van Eckart Wintzen op het symposium 'ICT-innovatie- trends, troeven en twijfels'. Zo staat het althans in het programmaboekje. Maar het is niet de titel die Wintzen aan de organisatie heeft opgegeven. Die luidt: 'Innoveren is niet voor schijtlaarzen'. Maar dat durfde de organisatie -het Centrum voor Wiskunde en Informatica - niet aan. Het is in een notendop het probleem met innoveren in Nederland.
Lef
Eckart Wintzen, gesjeesd student wis- en natuurkunde, heeft naar eigen zeggen 'wat gerommeld in software'. Hij is oprichter van softwarehuis BSO/Origin en tegenwoordig 'hoofd chaos' bij zijn ideële investeringsmaatschappij Ex'tent. Zijn boodschap luidt: innovatie vraagt om lef, om ondernemers.
Geklaag
ICT-innovatie verloopt in Nederland niet wezenlijk anders dan vernieuwing op elk ander gebied. Kennis genoeg, maar commercieel succesvolle producten ho maar. Ook op genoemde bijeenkomst weer veel geklaag van onderzoekers over bedrijven die maar geen gebruik willen maken van hun fraaie onderzoeksresultaten. Maar ligt dat misschien ook aan die kennis? CWI-onderzoeker Rob van der Mei steekt de hand in eigen boezem: kennisinstellingen verkopen hun producten niet goed, zijn te weinig gefocust op de toegevoegde waarde van onderzoek. Er zijn echter geluiden dat de meeste universitaire kennis in het bedrijfsleven onbruikbaar is.
Het is overigens niet alleen maar kommer en kwel, de Nederlandse ict-sector telt sterktes en zwaktes. Dr. Paul de Graaf, secretaris ict-beleid van VNO-NCW, somt de troeven op: negen van de tien consumenten en bedrijven hebben computers en internet in huis, er is een goed ontwikkelde telecommunicatie infrastructuur, een gediversificeerde ict-aanbodsector, een sterke, kritische vraagmarkt, en er zijn vele geslaagde toepassingen gericht op efficiencyverbetering. De overheid laat het nog het meest afweten met ict, met name in zorg en onderwijs. Maar dat geldt ook voor andere landen.
Op basis van deze troeven kan het vaderlands bedrijfsleven, ondersteund door de kennissector, wel degelijk met vernieuwende producten een rol spelen in de trends: digitale televisie komt er aan, marketing en sales van bedrijven worden steeds afhankelijker van ict. Breedband is in opkomst, maar het gaat Wintzen veel te langzaam. Het geld van de Betuwelijn hadden we beter daarin kunnen steken, meent hij.
Management
De twijfel knaagt echter. Willen we wel echt innoveren? Tsja, niet iedereen wil dat. Vernieuwingen, initiatieven van onderop, van degenen het dichtst bij de markt, zijn in veel organisaties niet welkom. Het management perkt in talloze en eindeloze vergaderingen de onderlinge posities en bevoegdheden af. Dat is al lastig genoeg. Komt daar iemand doorheen fietsen met een idee dat de pas bevochten verhoudingen op zijn kop zet, dan valt dat, zacht uitgedrukt, niet in vruchtbare aarde.

