ECKARTS NOTES. Click here to read more and order!

Interviewestafette: Teletoekomst

Dec 01, 2001 (Managementscope , Twan van de Kerkhof )

Teletoekomst

Waar moet het heen met de telecom? De problemen zijn duidelijk: KPN heeft zich overeten; de infrastructuur moet op de schop. Wintzen en Arnbak peilen de toekomst.

Jens Arnbak en Eckart Wintzen staan samen voor het magneetbord. Arnbak, professor en voorzitter van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (Opta), wijzend met een viltstift in zijn hand. Wintzen, de onconventionele ondernemer met een manie voor geavanceerde technologie, met zijn handen in zijn zij. Praten aan tafel alleen werkt niet voor hen. Voor de echt belangrijke dingen sta je op en ga je lopen. Bijvoorbeeld als het gaat over de verbindingen over het koperdraad dat van de wijkcentrales van KPN naar de Nederlandse huishoudens loopt. De laatste kilometer van het telefoonnet, vanuit de optiek van de voormalige monopolist, is het fundament onder de inkomsten van KPN. De eerste kilometer, vanuit de optiek van de gebruiker, beschikt over veel meer mogelijkheden dan KPN en concurrenten er nu uithalen. Tot frustratie van techneuten als Arnbak en Wintzen. Die stukjes koperdraad vormen de crux van het telefoonnet en zijn daarmee allesbepalend voor de kostenstructuren en de aangeboden diensten..

Kost niks

Het is voor mij totaal ondoorzichtig hoe een telefoontarief tot stand komt. Wie betaalt dat ik me helemaal suf mail naar mijn kantoor in Emmeryville, bij San Francisco? Ik heb misschien wel een uur verbinding per dag.

"Dat komt door de glasvezel. De hoofdslagader kan ontzettend veel en is nog lang niet vol. Transatlantisch is er veel te veel gelegd. Er is ontzettend veel capaciteit en die kost niks. Glasvezel is niet duurder wanneer de capaciteit honderd keer groter is. Daarom zien we ook dat een aantal partijen in het lange-afstandsverkeer het loodje legt. De knooppunten zijn wél duur. Die schakelcentra zorgen dat jouw pakketjes via bepaalde routes gaan. Ook daar gelden schaalvoordelen. Je betaalt alleen de marginale kosten. Maar de echte kosten zitten in het stukje van gebruiker tot het hoofdnet. Dat is de achillespees van alle communicatie."

Het is belachelijk goedkoop. Uren met Amerika internetten kost niks. Vandaar dat men ook voice over internet overweegt. Maar dat is nog niet zo fijn omdat er voortdurend gaten vallen. Stel dat die zouden wegvallen, dan kon ik de hele dag voor bijna niks bellen. Als ik dat over de gewone lijn zou doen, zou het me tientallen of honderden guldens kosten.

"Dat is ook veel goedkoper geworden. Je kunt nu goedkoper met New York bellen dan met Brussel. Dat komt door die transatlantische glasvezellijnen. Concurrentie is daar buitengewoon heilzaam geweest. Het probleem is nog steeds de last mile, of de first mile moeten we eigenlijk zeggen. In de klassieke telefonie sprak men over de last mile, want die werd het laatst aangelegd. Maar first mile is veel beter, want je business driver komt daar vandaan."

Daar betaal ik het volle tarief. En daarmee financier ik dus eigenlijk de lange-afstandsinfrastructuur. Het is altijd vervelend als het ene het andere financiert.

"Daarom heeft Brussel ook gezegd dat er vanaf 1 januari concurrenten op die first mile moeten kunnen komen. Daarmee heb je nog niet de beeldtelefoon die jij wilt. De koperlijn kan veel meer dan we oorspronkelijk dachten, maar kan zeker niet de door jou gewenste hoge kwaliteit in twee richtingen."

Iedereen schreeuwt om bandbreedte, maar die is er niet. Heb jij een beeld van de weg er naartoe?

Arnbak tekent op het bord een netwerk met individuele gebruikers. "Wat is de tragiek? Ruim de helft van de kosten zit nu in de first mile. Dat is low-tech. Het andere stuk zit in de knooppunten. Die zijn high-tech. De prijs van de high-tech gaat vanwege schaalvoordelen omlaag als er veel gebruikers zijn. De prijs van low-tech gaat omhoog, omdat er putjes en kabelgoten moeten worden gegraven, et cetera."

Heb ik jou niet ooit horen zeggen dat we een fout hebben gemaakt door dit laagste niveau infrastructuur als bezit mee te geven aan KPN? Dat we die hadden moeten houden en alleen de exploitatie hadden moeten meegeven?

"Als hoogleraar heb ik dat gezegd. Als toezichthouder kan ik alleen wijzen op het feit dat dit een ernstige belemmering is. De infrastructuur van de first mile is vijftien miljard gulden waard. Dat zou geweldig zijn in de cash-crisis van KPN. Ik weet dat ze er serieus over dachten te verkopen, maar uiteindelijk wilden ze dat niet. De vraag is hoe KPN met dit asset omspringt. Of ze bereid zouden zijn het oude netwerk versneld af te schrijven en tegelijk in het nieuwe te investeren." KPN zal dit eerst willen afschrijven, voordat ze in meer bandbreedte investeren. "Zou jij dat ook niet willen, als jij in de raad van bestuur zat? Daar zit het geld."

Geld verdienen

Je hebt helemaal gelijk. Als ondernemer zou ik zeggen: 'Sodemieter op met je gezeur over breedband, er moet hier geld verdiend worden.' Interessant is dat je meteen ook de oplossing aangeeft door de nieuwe baas van KPN te suggereren het netwerk terug te verkopen aan de community, waardoor de enige blokkade om met meer bandbreedte te werken wordt opgeheven. Het heeft mij altijd verbaasd dat de overheid zich verantwoordelijk voelt voor alle infrastructuur, maar zodra het met elektronica heeft te maken moet de industrie het zelf doen. Hoe komen we hieruit?

"Er moet een plan voor komen."

We hebben een nieuwe commissie-Wijsneus nodig.

"Er is op zijn minst overheidsregie nodig. Als een kopernet al vijftien miljard waard is, wordt een nieuwe infrastructuur ook heel veel waard. Je moet power hebben om dit te doen. Je zou meteen het geld ervoor kunnen ophalen op de kapitaalmarkt, als je exclusieve rechten zou krijgen."

We zouden kunnen zeggen dat we als gemeenschap achttien miljard hebben ontvangen voor de privatisering van KPN. Voor dat bedrag hadden we fijnmazige lokale infrastructuur met een grote bandbreedte kunnen aanleggen.

"Je vangt geen vijftien miljard voor de oude infrastructuur als op dat moment bekend is dat je nieuwe gaat aanleggen."

Infrastructuur is historisch gezien altijd door de gemeenschap aangelegd.

"Door of vanwege. Er zijn landen waar dit aan ondernemingen is uitbesteed."

Waar zijn ze zo wijs geweest?

"Denemarken en Finland. En in Nederland zijn de gemeentes met telefoons begonnen. De Duitse bezetter heeft er pas in 1941 een staatsbedrijf van gemaakt."

Heb je een beeld hoe verder te gaan?

"Nee."

Dat hebben we geen van beiden eigenlijk. We zijn het er wel over eens dat er een grote rol voor de overheid is weggelegd.

"Op zijn minst een regierol."

Beeldtelefoon

Je weet dat ik een manie heb voor de beeldtelefoon. Ben je het me eens dat dit een ontwikkeling is die op lange termijn niet is te vermijden?

"Ik geloof absoluut dat de beeldtelefoon zich net zo zal ontwikkelen als de gewone telefoon. Die was in het begin -rond 1890- vooral voor de beursheren in Haarlem en omstreken, maar snel bleek dat er veel meer emplooi voor was toen de prijs omlaag ging. De gezelligheid, de menselijkheid, is echter pas gekomen in de jaren zeventig. Voor die tijd hing de telefoon nog in de koude gang. Er was toen zelfs een oproep van de directeur-generaal van de PTT om je boodschap in kortheid te vatten, omdat het niet de bedoeling was dat je deze schaarse voorziening voor geklets zou gebruiken. Als je nu ziet hoe de jeugd afhankelijk hiervan is geworden. Ze durven elektronisch dingen tegen elkaar te zeggen die ze niet durven als ze tegenover elkaar staan. De beeldtelefoon zal in het begin ook voor zakenheren zijn. Ik was ooit commissaris bij een groot nutsbedrijf. Als we door coöptatie een nieuwe commissaris moesten kiezen, kwamen de anderen voorrijden in hun dienstauto's, behalve deze professor die met de trein kwam. Dan zaten we tien minuten met elkaar te praten. Dan was de coöptatie rond, wat we van te voren al wisten, en reisden we allemaal weer twee uur terug. Dat had heel goed met een beeldtelefoon gekund. Je moet elkaar wel even in de ogen kunnen kijken. Hoe snel de ontwikkeling vervolgens gaat, hangt af van hoe echt het overkomt."

De beeldtelefoon, die wij ontwikkeld hebben, komt helemaal puur en echt over. We kampen alleen nog met een beetje echo op het hifi-geluid. Stel dat de beeldtelefoon het dubbele tarief zou kosten van een gewone telefoon. Zou je hem thuis nemen?

"Mijn vrouw en kinderen zouden het wel doen. Ik ben heel ongezellig aan de telefoon. We hebben net het eerste kleinkind in Denemarken. Dan zou dit natuurlijk prachtig zijn. Mijn jongste zoon lag een tijd geleden in Cuba met een schedelfractuur. Ik heb in die periode niet één keer telefonisch met hem kunnen spreken. Er zijn daar gewoon geen lijnen. We hebben wel kunnen e-mailen. Daar was die beeldtelefoon heel fijn voor geweest, maar voordat die er op Cuba is, zijn we nog wel wat jaren verder. In dat hele domein waar de bijzondere emoties aan de orde zijn, kan deze technologie een grote rol spelen."

Wij zien elkaar met enige regelmaat. Dan willen we elkaar ook in de ogen kunnen kijken. Dat zou via de beeldtelefoon kunnen.

"Ja, als er geen hinderlijke dingen zijn. Emoties laten zich door de kleinste obstakels belemmeren. Zodra er glasvezels lagen in de oceaan, hebben we de satellieten niet meer gebruikt voor telefoontjes met Amerika. Dan had je net die vertraging van een kwart seconde. Dat is te veel. Je belt je partner en vraagt: 'Waar was je gisteravond?' Een aarzeling van een kwart seconden en je wordt meteen achterdochtig. Dat kan natuurlijk niet."

Daarom heeft onze beeldtelefoon twee MB heen nodig en twee MB terug. Ik vlieg nu vijf of zes keer per jaar met twee of drie man heen en weer naar ons kantoor in San Francisco. Noteer de kostenpost. Ik heb veel liever eens per week een uur contact met hen via de beeldtelefoon.

"Zakendoen is een kwestie van vertrouwen. Dat zie je in elkaars ogen."

Ik hoop dat ik de bonzen kan laten hoe waanzinnig lekker beeldtelefonie kan zijn. Die moeten het willen.

"Zie ook de grote voordelen voor de kostenkant, dat je niet meer zeven keer op en neer hoeft naar San Francisco."

WTC-ramp

Dat wil je in een terroristische wereld misschien ook helemaal niet meer.

"De beeldtelefoon is geen goed nieuws voor de vliegmaatschappijen."

Na de WTC-ramp zijn we op een andere manier naar onze eigen beeldtelefoon gaan kijken. Die kan nu een kwantumsprong voorwaarts maken. Zelfs wij als notoire reizigers kijken op dit moment naar andere mogelijkheden. Teleconferencing is er een van, maar compenseert niet de behoefte om elkaar te zien. Ik vind het een hork van een toepassing. De kwaliteit is te laag.

"Ik heb vaker als ik in New York landde gedacht dat ik niet in het WTC zou willen zitten. Het is een target voor krankzinnigen, dacht ik. Misschien kwam ik op dat idee, omdat ik in de jaren zeventig werkte voor een organisatie die zich zorgen maakte over de kwetsbaarheid van het bestuur. Ik moet nog zien of het WTC er opnieuw komt."

Dat komt er niet meer.

"Dat betekent dat we zoiets als die beeldtelefoon nodig hebben, als we niet meer zoveel mensen bij elkaar zetten. Grote concentraties mensen zijn kwetsbaar, vies, de grondprijzen worden te hoog. Rationeel bezien zijn ze niet nodig. De WTC-ramp is, als je het los kunt zien van de tragiek, een buitengewoon interessante leercasus."

Dit gaat het hele business paradigma veranderen. Iets anders: wat denk jij wat de grote toepassing wordt van UMTS? Wat is de killer application van grote bandbreedte door de ether?

"Ik heb vanuit Delft bijgedragen aan de totstandkoming van de standaard voor UMTS. Daar hebben we 45 mensjaren aan besteed voor Nokia, Ericsson, en andere. We hebben daar een grote rol in gespeeld. We hadden geen helder beeld van wat het echt zou worden. Wij dachten dat het fijn zou zijn om te kunnen internetten, waar je ook bent, maar dat komt doordat wij professionals, internetnerds zijn. Dit is een beroepsdeformatie. Alleen visionairs zien de toepassingen die er komen. Ik werkte in de jaren zeventig op de Waalsdorpervlakte om de regeringen van de Navo te adviseren over systemen waarmee ze crisisbeheersing zouden kunnen doen bij een aanval van de Russen. Daarvoor hebben wij iets uitgevonden dat wij toen al internetprotocol noemden. Wij waren met heel veel knappe jongens. In alle bunkers en regeringscentra stonden mainframes. Wij hebben toen niet gezien dat de pc er zou komen, dat er twintig jaar later processing power op je bureau zou staan. Wij hadden niet de fantasie dat wij ooit internet net als de telefoon zouden gebruiken. Voor UMTS weet ik het dus ook niet."

Voor de UMTS-veilingen heeft KPN ongelooflijk veel geld uitgegeven voor een frequentie, waardoor andere bedrijfsonderdelen in de problemen komen. Bij World Online werd zestigduizend euro per gebruiker betaald. Dat verdien je nooit terug.

"Altijd als we het hebben over nieuwe, grote infrastructuren ontstaat dit soort gekte. In de periode van 1873 tot 1879 hadden we precies hetzelfde rond de spoorwegen. Toen was er ook de verwachting, en terecht, dat de spoorwegen een enorme rol zouden gaan spelen in de economie. De mensen in New York wilden hun T-bonesteaks uit Chicago. Er werden vijf spoorlijnen naast elkaar aangelegd die elkaar beconcurreerden. Ze gingen allemaal kapot. Er was eerst een hype en daarna een totaal drama."

Het gaat hier toch over mensen in keurige pakken die kunnen rekenen.

"Er is twee, drie jaar lang een gekte geweest. Nu zitten we in de correctie en daar krijgen we ook nog het WTC bovenop."

Waarom is dat zo raar gelopen met die veilingen? Vergelijk het eens met grond. Ineens blijkt Nederland ook nog grondbezit in de lucht hebben. Wie schetst mijn verbazing dat ze al die grond tegelijk gaan verkopen? Dat had beter in stukjes gekund. Nu heeft iedereen zich doodgegeten.

"Er is een gekte geweest, net als met die vijf spoorwegen naast elkaar. Maar KPN heeft zijn ellende niet door de veiling hier, maar door die in Duitsland. Daar is het ook misgelopen met Hutchison Whampoa. In wezen is het een managementkwestie."

» Article index