Kip met Peren?
Er wordt tegenwoordig wat goedbedoelde onzin afgeleuterd over chaosmanagement, zelforganisatie, down sizing, small business units, netwerkorganisaties en noem maar op. Een medicijnkast vol panacees voor al onze managementproblemen in turbulente tijden. Maar net zo als bij de 'buzz words' van weleer als management by objective, zero based budgeting en intrapreneurship kom je natuurlijk geen moer verder als je je concentreert op slechts één aspect van het oneindige conglomeraat van managementdilemma's. Daar los je geen problemen mee op.
Goed, vandáág hebben wij dus gezien de enorme bewegingssnelheid van de wereld om ons heen (chaos?) een bedrijfsstructuur nodig die snel kan reageren op snelle veranderingen. En je hoeft natuurlijk geen afgestudeerd bedrijfskundige te zijn om te begrijpen dat een klein familiebedrijf wendbaarder is dan een groot multinationaal concern. Als IBM of Philips van een productoriëntatie over wil stappen op dienstverlening als hoofdschotel dan heeft dat uiteraard meer voeten in de aarde en dus véél meer tijd nodig dan wanneer -zeg- Gekke Henkie BV over wil stappen van de verkoop van batterijtjes naar een oplaadservice daarvan.
Nee, het is geen gigantische gedachtesprong om te bedenken dat een traditioneel hiërarchisch bedrijf er verstandig aan doet om over te stappen naar kleine zelfstandige eenheden. Maar de problemen ontstaan pas bij de uitvoering (èn de invoering) daarvan. Want hoe ver ga je met die zelfstandigheid? Mag de nieuwe zelfstandige eenheid álles zelf bepalen? In de hoop dat het mysterieuze zelf-ordenend vermogen van de chaostheorie er een mooi geheel van zal maken? Nee, natuurlijk niet. Om te beginnen zijn er de beperkingen van de financiële grenzen die er gesteld zijn (door de meegegeven openingsbalans). Maar hoe zit het met zaken als marktkeuzes, naamgeving, automatisering, benoemingen, huisstijl om maar eens een willekeurige greep te doen. Hier komen dan twee scholen met elkaar in botsing. Enerzijds de aanhangers van de vrijheidsdrang binnen de (nieuwe) business unit die hun volledige vrijheid bedingen en daarbij vaak totaal uit hun verband gerukte argumenten uit de chaostheorie (of ander leuke managementboekjes) uit de la trekken. En anderzijds de bestuurders uit de 'holding', die uiteindelijk toch eindverantwoordelijk zijn en het liefst ieder detail voorschrijven en controleren.
Een gevecht dat vergelijkbaar is met een woordenwisseling tussen de kok die het toetje bereidt en veel zoete ingrediënten aanbeveelt en de maker van het voorgerecht die eerder zijn keuze op vis of vlees en pittige kruiden zal laten vallen. Eén ding staat duidelijk vast: een compromisgerecht is niet te eten.
'Corporate planning' past evenmin in een netwerkorganisatie als verse koriander in de pudding. maar de hoop dat de vrijheid-blijheid theorie ooit een goed werkend concern zal opleveren, is even ongegrond. Logisch, want een iets nauwkeuriger blik op de chaostheorie leert het oplettende lezertje, dat je, als je enige orde in chaos wilt hebben, je 'ordeningsparameters' nodig hebt, of in andere termen standaards en wel héle rigide, die voor alle elementen (business units) gelden. Keiharde afspraken over infrastructuur, automatisering, externe communicatie, produkt/ markt-combinaties etc. Deze standaards zijn overigens niet te verwarren met procedures (want dat zijn meestal liedjes van bemoeizucht), maar wèl streng in te voeren. Zo niet wordt het geheel totaal ongenietbaar, een soort kip met peren dus.
Eckart Wintzen
De heer Wintzen is president van het automatiseringsbedrijf BSO/Beheer bv
'Een hiërarchisch bedrijf doet er verstandig aan over te stappen naar kleine zelfstandige eenheden. Maar dan ontstaan de problemen pas.'

