ECKARTS NOTES. Click here to read more and order!

‘Na een tweetal moeilijke jaren wordt ‘93 weer goed’

Oct 16, 1992 (Computable )

BSO-topman E. Wintzen optimistisch gestemd:

UTRECHT—'BSO/Origin-directeur Eckart Wintzen is een vreemde vogel', wordt gezegd in automatiserend Nederland. Hij is het buitenbeentje dat wars is van alle tierelantijnen 'that come with the turf', zoals de Engelsen het uit drukken. Kritiek op zijn levens- en bedrijfsfilosofie is er genoeg. Wintzen raakt er niet van onder de indruk. BSO bestaat inmiddels 16 jaar en internationaliseert in fors tempo. En: "Na een mindere periode wordt 1993 weer een goed jaar.

door TOBY ELLSON

Eckhart Wintzen is inderdaad anders. Hij valt in de Nederlandse automatiseringsbranche enigszins uit de toon. Bovendien maakt hij er geen geheim van dat in zijn leven plaats is ingeruimd voor een betrokkenheid bij zaken die verder reiken dan de winst- en verliesrekening van BSO/Origin. Zijn deelname aan de discussiegroep 'De club van Schiermonnikoog', waarin een aantal 'geslaagde Nederlanders' van gedachten wisselen over de vernieuwing van de maatschappij en over de tanende belangstellingvan de kiezersvoor het huidige politieke bestel, is daarvan wel het meest aansprekende voorbeeld.

De stijgende lijn van de resultaten van BSO werd in 1991 en 1992 onderbroken door de internationalisatie. "Volgend jaar zit de groei er weer flink info, meent topman Wintzen.

OMZET  NETTO   WINST
1985   67,1    4,5
1986   104 7,7
1987   137,3   11,2
1988   163,5   14,7
1989   227,9   18,5
1990   392,4   21
1991   542 14,3
1992   600 14,3*
in miljoenen guldens

* verwachting directie

Diezelfde maatschappelijke betrokkenheid heen hij ook bij BSO/Origin proberen in te bedden. Zo speelt de zorg om het milieu een belangrijke rol in de bedrijfsvoering, getuige de milieujaarrekening die tegenwoordig in het jaarverslag staat. Alles wat het bedrijf aan het milieu onttrekt wordt becijferd. In 1991 was dat zo'n 3,3 miljoen gulden Via gerichte acties probeert BSO/Origin dat bedrag omlaag te brengen.

Afkeer gevestigde waarden

Wintzen's criticasters voorspellen al jaren dat zijn houding de ondergang van BSO zal betekenen. Veel zaken die hij uit afkeer voor gevestigde waarden en normen anders heeft gedaan, blijken nu echter juist actueel. Een voorbeeld daarvan is de cellenstructuur - het zijn er 87 - waarnaar BSO/Origin is gevormd. Nu pas is duidelijk, uit de vaak met hoge kosten gepaard gaande reorganisaties bij andere bedrijven, dat de voordelen van een opzet met kleine bedrijfsonderdelen meer flexibiliteit biedt om een periode van recessie en snelle veranderingen het hoofd te bieden.

`Stom toeval geweest`, zegt Wintzen daarover. `Het idee van de cellen is geboren uit mijn aversie voor hoge, glazen kantoorgebouwen die een hiërarchische pikorde huisvesten. De spreekwoordelijke tanker heeft hierdoor bij BSO nooit bestaan. Vanaf het begin zijn het kleine, met de golven meedeinende, bootjes geweest. Groeit een bootje uit zijn voegen dan volgt een splitsing in twee kleinere cellen. Bovendien bestrijkt elke cel een marktgebied en uit de eigen winst- en verliesrekening blijkt snel of het contact met die markt naar behoren is geweest. De weg kwijtraken is er voor BSO/Origin niet bij, hooguit het nemen van een verkeerde afrit. Maar dat wordt snel gecorrigeerd.`

Ook zijn zorg om het milieu is, strategisch gezien, goed gekozen. Als voortvloeisel uit het Nationaal Milieubeleidsplan en zijn opvolger NMP Plus moeten zo'n beetje alle Nederlandse ondernemingen op termijn kunnen aantonen wat voor schade ze aan het milieu toebrengen. In het geval van BSO/Origin kan dat wel eens prettige neveneffecten hebben. De kans is namelijk groot dat potentiële klanten voor een milieusysteem BSO/Origin kiezen omdat deze, lang voordat de concurrentie het deed, het goede voorbeeld heeft gegeven.

Perspectief bieden

Wintzen besefte echter dat er meer voor nodig is om BSO/Origin en zijn 3636 werknemers (per 1 juni 1992) ook voor de verdere toekomst perspectief te bieden. De nauwe band met Philips bood de mogelijkheid tot internationalisatie, zonder dat daarbij de eigen zelfstandigheid moest worden opgegeven. Het Eindhovense concern kreeg in ruil voor 50 procent van de interne automatiseringsafdeling (Origin) 30 procent van de aandelen BSO in handen. Bovendien heeft Philips een optie op nog eens 10 procent. Begin vorig jaar nam BSO/Origin ook het resterende belang van Philips in Origin over.

De stap naar een wereldwijd opererende onderneming, met inmiddels vertegenwoordigingen in 15 landen, is wellicht de belangrijkste uit de geschiedenis van BSO, dat daarna het toevoegsel Origin kreeg. Waarschijnlijk is het ook de belangrijkste stap in het ondernemerschap van Wintzen. `Tot voor het buitenlandse avontuur dacht ik dat het karwei er bijna opzat. De internationalisatie zorgt echter elke dag weer voor nieuwe uitdagingen. Vroeger kon je bijwijze van spreken binnen een uur van de ene naar de andere cel fietsen. Nu zijn we aanwezig in landen waar je een dag voor in het vliegtuig moet zitten.

Voor het bedrijf is met de internationalisatie ook het tijdperk van nieuwe uitdagingen begonnen. Die kwamen uit een hoek waar het het minst van werd verwacht: Philips, de grootste opdrachtgever. Midden in de transformatieperiode stuurde Jan Timmer de Centurion-tank het veld in. `Als je net wankel in de kinderschoenen staat aan de hand van de grootste klant en die laat ineens los, dan ben je daar niet echt blij mee. Maar aan de andere kant maait het je ook ter plekke sterk. We zouden eerst die 15 landen erven en die langzaam omturnen van een staf naar een commerciële afdeling. Dat kwam door Centurion in een stroomversnelling. We hadden niet de tijd om te oefenen. Een teruggang bij een leverancier van 10 procent is een grote schrik. Veel Origin-landen moesten meer terug`, aldus Wintzen.

Van het woord 'reorganisatie' wil hij echter niet horen. Je moet dat anders zien. Veel van deze landen waren niet commercieel. Ze moeten voor het eerst adverteren, commercieel denken en ook de boekhouding bijhouden. Het is als een organisme dat zich aanpast aan veranderingen. Dat kost tijd en geld.` In totaal spendeerde BSO/Origin in 1991 en in de eerste zes maanden van dit jaar 10,5 miljoen gulden aan het op orde brengen van de buitenlandse dochters.

Voor de tweede helft van 1992 worden geen extra substantiële kosten verwacht. `Het zou veel meer een succesverhaal zijn geweest als Philips, zoals we hadden afgesproken tijdens de overeenkomst, het aantal opdrachten had uitgebreid. Nu zijn we tussen de 10 en 20 miljoen van de oorspronkelijk bedoelde omzet kwijtgeraakt. ` Wintzen vindt dat de omvorming naar een meerklanten-situatie pas geslaagd is als het aandeel Philips overal is teruggedrongen tot 30 procent van de omzet. Hij geeft toe dat dat lang niet in elk land het geval is. Precieze cijfers wil hij niet geven. 'Uiteindelijk moet Philips in het buitenland terug naar 15 tot 20 procent van de omzet.

BSO/Origin heeft volgens Wintzen inmiddels wel een klantenlijst van vele honderden. Bij de presentatie van de jaarcijfers over 1991 , in mei dit jaar, waren dat er nog maar 21. Ook op de winst- of verliessituatie bij de vestigingen in het buitenland wil de president-directeur niet diep ingaan. "Laat ik zeggen dat sommigen nog in rood schrijven. Steeds meer landen halen echter een potje met zwart."

Voor 1993 heeft Wintzen echter hoge verwachtingen. "Dat wordt een goed jaar voor BSO/Origin", zegt hij vol overtuiging. "De herstructurering van het oude Origin is dan klaar. De tijd mor het plukken van de vruchten. Maar belangrijker is dat de geleden verliezen in het buitenland fiscaal aftrekbaar zijn, mits er dan winst wordt behaald." Hoeveel voordeel BSO/Origin daaruit kan behalen, laat hij in het midden.

Dit fiscaal jaar rekent BSO/Origin op een omzet van 600 miljoen gulden en een lichte stijging van de nettowinst. In 1991 was die 14,3 miljoen gulden. Het eerste halfjaar bedroeg de winst 5,1 miljoen gulden tegen 11 miljoen in 1991.

Voor de langere termijn voorspelt Wintzen dat over vijf jaar multimedia 30 procent van de omzet hij BSO gaat uitmaken. Nu is die bijdrage echter slechts 3 à 4 procent. Naïef? 'Nee", antwoordt Wintzen resoluut. Hiervoor niets is bij ons de groei van multimedia jaarlijks 100 procent. Het gaat gewoon om vooruitdenken. Het is toch van de gekke dat bijvoorbeeld een personeelsfunctionaris in zijn computer geen foto of videootje heeft van de werknemers. E-mail is wel de saaiste manier van communiceren. Als je de computer uitrust met een camera en mensen elkaar dus kunnen zien, krijgt het persoonlijk contact veel meer waarde. Technisch is het mogelijk. Het duurt alleen even voordat het zover is. De gebruikers moeten nog doordrongen worden van de voordelen van deze verrijkende vorm van communicatie.

» Article index