‘Omzet draaien’ luidt nieuwe opdracht voor Medialab
Het Medialab van Thijs Chanowski kon meer dan tien jaar in de luwte van moeder Origin onderzoek doen. Sinds enkele weken staat het weer op eigen benen en wordt geld verdienen belangrijker. Maar een beursgang zit er niet in.
Thijs Chanowski's 'nieuwe media'-bedrijf is los gekoppeld van Origin. Middenjaren tachtig bracht Chanowski zijn toen nog Cat Benelux geheten bedrijf onder bij BSO. Dat bedrijf, van Eckart Wintzen, is een van de onderdelen waaruit Origin is voortgekomen. Chanowski: "Wintzen was er op gebrand dat zijn bedrijf een vinger had achter nieuwe ontwikkelingen." Anderhalve week geleden rondde Chanowski een management buyout af met Origin. Terug bij af? "Zeker niet", reageert oprichter/directeur en wederom eigenaar Thijs Chanowski. "De aansluiting bij een grotere organisatie heeft ons in staat gesteld ons te concentreren op onderzoek en ontwikkeling. Wij kregen de vrijheid onze neus te volgen. Dat is een buitengewoon plezierige omstandigheid geweest. Want wat je meestal ziet is dat 'labs', na aanvankelijke vrijheid, toch sterk in de richting van 'omzet draaien' worden gedwongen. Dat is in ons geval niet gebeurd. Vooral de afgelopen tien jaar, nadat we de commerciële beslommeringen volledig aan het moederbedrijf konden overdragen, hebben we daarvan geprofiteerd. Sinds dat moment zijn er zo'n 10 tot 15 manjaren geïnvesteerd in de ontwikkeling van kennis op hei gebied van nieuwe media en kennisbeheer."
Ivoren toren
Medialab moest van Chanowski een echte
'techneutenclub' zijn. En dat is het ook geworden.
"Natuurlijk is er wel omzet gedraaid, maar dat was
altijd met opdrachtgevers die genoegen konden nemen met de
onzekerheid die research eigen is. Bedrijven die het leuk
vinden om te kijken of je een stapje verder kunt komen,
zonder de garantie vooraf dat het ook lukt. Voor ons was dat
essentieel. Zonder dat soort samenwerkingen beland je in een
'ivoren toren'. En dat is op den duur dodelijk voor
het commerciële potentieel en dus voor de
levensvatbaarheid van de technologie die je probeert te
ontwikkelen." De technologische koers van Cat c.q.
Medialab heeft wel eens een beetje gemeanderd. Via
text-retrieval software ('Freebase') en exercities in
visualisatietechnieken belandde Medialab uiteindelijk toch
weer heel dicht bij text-retrieval: het ondersteunen van
zoeken naar 'kennis' in grote ongestructureerde
collecties documenten. Traditioneel kwam dat vrijwel
uitsluitend voor bij kennisintensieve organisaties zoals
research- en development-laboratoria, adviesbedrijven en
farmaceutische industrieën. De laatste jaren echter ziet
Medialab ook mogelijkheden voor toepassingen op Internet.
Daar gaat het ook vaak om ontsluiting van informatie die
ongestructureerd vast ligt. Die ongestructureerdheid van
informatie die in tekstdocumenten op servers is opgeslagen,
is volgens Chanowski tegelijkertijd zowel het probleem als
het wezen van de zaak. Het is een probleem, omdat je als
gebruiker niet beschikt over een eenduidig signalement van
het gezochte. Aan de hand daarvan de informatie opvragen,
zoals j e aan de hand van een catalogusnummer in een museum
een schilderij terugvindt. Meestal weetje niet eens watje
precies zoekt. Je zoekt misschien iets over
'vuurwerk' en 'veiligheidsvoorschriften',
zonder dat het je uitmaakt of dat nu een offerte is voor een
Sprinkler-installatie of een aanhangsel bij een
milieuvergunning waarvan je het bestaan niet vermoedde.
"De interessantste vondsten zijn meestal de vondsten die je niet verwachtte. Maar daarnaar zoeken, kan alleen als je de onderliggende documentverzameling geen structuur vooraf opdringt. Structuur kan tegen je werken. Iedere vorm van classificatie houdt een 'museumeffect' in. Schilderijen worden teruggebracht tot catalogusnummers. De werkelijkheid wordt teruggebracht tot een eenduidige en onveranderlijke interpretatie. Maar iedereen heeft zo zijn eigen associaties bij een begrip. Niemand wil graag aan de hand lopen van de voorgekauwde associaties van anderen. Een macro-econoom denkt bij 'fiets' misschien aan infrastructuur, personenvervoer en bereikbaarheid. Een politieman brengt het begrip eerder in verband met diefstal en heling", doceert Chanowski. "Structuur maakt informatie tot data. Dat is per definitie een stap terug. Data zijn eigenlijk niet interessant. Dataverzamelingen groeien en vervuilen. Naarmate je meer netwerken aan elkaar koppelt, neemt die neiging tot vervuilen kwadratisch toe. Uiteindelijk eindig je met een brij van verwarde gegevens. De enige uitweg is documenten te blijven beschouwen als dragers van kennis en die kennis voor de gebruiker inzichtelijk te maken door deze naar een metaniveau te brengen. Dat is de weg die we hier nu een aantal jaren volgen. Niet de documenten terugbrengen tot verzamelingen indexwoorden, maar door de in de documenten aanwezige kennis en begrippen aan de gebruiker te presenteren als een wolk van begrippen. Die kan hij bij het zoeken gebruiken als hints. De software analyseert welke begrippen in de documenten een rol spelen en op welke wijze ze met elkaar verband houden. Die verbanden en rollen worden op het beeldscherm gevisualiseerd door verschillen in lettergrootte, kleur en afstand tussen woorden."
Kennis als soep
Chanowski is er van overtuigd werkende oplossingen in huis te
hebben voor taaltechnologische barrières die lange
tijd als onneembaar golden. Het sterke punt is dat de
zoekstructuur, anders dan thesaurussen, andere conventionele
text-retrieval-hulpmiddelen dynamisch maakt. Veranderingen in
de documentverzameling resulteren onmiddellijk in
veranderingen in de begrippenwolk die de gebruiker voor zich
krijgt. Dat is als het ware een soort soep, waar van alles in
drijft en die vrijelijk kan groeien. Ook kan de begrippenwolk
gebruikerspecifiek zijn, dus zich in het gebruik voegen naar
de gebleken interesses van de gebruiker." Nu de
technologie geleidelijk aanis uitgekristalliseerd in een
product- de Aquabrowser - is er in het rustieke Schellinkhout
weer wat meer ruimte om na te denken over geld verdienen. Er
is zelfs een speciale man voor aangetrokken in de persoon van
financieel directeur Bas Zwaan. Deze functie bestond tot voor
kort niet bij Medialab. Maar daar blijft het wat commercie
betreft voorlopig ook bij. Zwaan is niet van plan veel in
marketing te investeren of een verkoopteam op pad te sturen.
"Dat is de geijkte aanpak, maar daar zijn in deze tijd
efficiëntere oplossingen voor."
Genoeg omzet
Op dit moment draait Medialab met vijftien medewerkers een
omzet van omstreeks twee miljoen gulden per jaar. Niet echt
veel. Maar genoeg volgens Zwaan; Op die basis kunnen we, met
onze huidige kostenstructuur, het bedrijf runnen. Het is
omzet uit maatwerk projecten. Dat willen we blijven doen,
want daar doen we onze kennis en ideeën op. We richten
ons daarmee op een betrékkelijk kleine groep grote
bedrijven."In eerste instantie in Nederland, maar
geleidelijk aan ook in het buitenland. Zo bouwde Medialab een
kennisbeheersysteem voor 87 Kamers van Koophandel in
Duitsland. Daarnaast wordt gedacht aan verkoop van de
Aquabrowser aan derden, die het als module inbouwen in hun
eigen specialistische software. Te denken valt bijvoorbeeld
aan 'OEM'-overeenkomsten met softwarebedrijven die
sterk zijn in specifieke bedrijfssectoren, zoals het
bibliotheekwezen of de medische wereld. Ook Internet biedt
nieuwe mogelijkheden voor Medialab. Zwaan: "We hebben
veel plannen, maar er is op dit moment nog niets definitief
beklonken. Ik vind het dan ook te vroeg om er nu meer over te
zeggen. Als het goed is, komen we in oktober of november met
meer informatie hierover naar buiten." En daarna? Kunnen
we binnenkort een beursgang verwachten? Chanowski:"Nee,
in zo'n avontuur zie ik niets. Daar is ons bedrijf niet
geschikt voor, denk ik. Daarvoor hebben gewoon niet genoeg
gebakken lucht in huis. We zijn per slot maar een gewoon
clubje techneuten..."

