The Chinese Connection
Toiret? Yesse. Folle toiret tuln reft. Eh, wat je dan te zien krijgt is altijd weer een verrassing. Of gewoon een redelijk schone plee of een gat in de vloer, zonder deur, zo smerig en stinkend, dat gasmaskers en lieslaarzen bij lange na niet voldoende zijn om er veilig bij te komen. Niet schoongemaakt sinds de Ming-dynastie, zegt de reisgids. Dat zou trouwens ook helemaal geen zin meer hebben. Alleen een natuurramp als een zware overstroming of een inslaande komeet zou hier nog iets kunnen redden. Hoe wij op het idee gekomen zijn om naar China te gaan, weet ik niet meer precies, maar de opgedane ervaringen in de afgelopen week zijn mind-boggling. Ik heb nog nooit in zo'n korte tijd zoveel contrasten gezien. Wat dacht je bijvoorbeeld van China Airways. In Peking inchecken voor Xian.
Niks computers natuurlijk op het vliegveld van een stad met 9 miljoen inwoners. Gewoon op een blocnootje met van die tekentjes bijhouden waar het laatste toestel heen vertrokken is en natuurlijk alle berichten in het Chinees omroepen (op een vliegveld waar hoofdzakelijk buitenlanders zijn, want welke Chinees kan zich dit permitteren). Een heerlijke puinhoop, waar niemand informatie heeft en ook niemand beslissingen schijnt te nemen. Dat blijkt als na acht uur wachten nog steeds geen vliegtuig of piloot te vinden schijnt te zijn die onze vlucht kan/mag/wil uitvoeren. Het is inmiddels middernacht als wij besluiten actie te nemen. Een delegatie van 150 passagiers gaat de kantoren van de luchthaven eens "inspecteren". Met behulp van enkele tweetalige trachten wij de paar dienstdoende te overtuigen van de redelijkheid of noodzaak ons vandaag nog naar Xian te transporteren. Het Chinese smoezenboek blijkt onuitputtelijk.
Als alle Chinezen in hun eerste leugen gestikt zouden zijn, zou het wereld bevolkingsprobleem ter plekke zijn opgelost. Men blijkt wel op de hoogte van ons probleem, maar wij komen geen meter verder met ons soebatten. 'Er is geen vliegtuig'. 'Het regent in Xian'. 'Alle vluchten in China zijn afgelast'. 'Het mist op grote hoogte (!)'. 'We moeten wachten op het toestel uit Hangzhou'. En zo voort, tot het een van onze Oostenrijkse medepassagiers - niet bepaald uit het delicate Mozartiaanse hout gesneden - te gortig wordt: "You musten lizten mizter. We go-en zis night to Xian oder zie werden zomsingk see tomorro. No pleen will departure fromm zis airport. We werden stop all pleenz from Peking. We are hundred mens and we will calle zie ambazzadoor and zie president. Tis will bee ze end of Tsjaaika flying, mister".
Niet dat de toe gesprokene een woord verstaat, maar de toon blijkt duidelijk genoeg en tot mijn grote verbazing uiteindelijk aanzet tot de toezegging dat het eerst binnenkomende toestel aan ons zal worden toegewezen.
Een uur later wordt dank zij herhaalde krachtige persistentie van onze Oostenrijkse vriend de belofte inderdaad vervuld. Uiteraard zijn nu 150 andere reizigers de klos, maar wij troosten ons met de gedachte dat zij minder lang gewacht hebben dan wij. Ik heb nog nooit Europeanen met zo'n gelukzalige glimlach zo'n oude afgetrapte Toupolev zien binnengaan wetend dat de bemanning er vandaag al minstens 18 uur op heeft zitten. Tijdens de 2 uur durende vlucht (uiteindelijke vertrektijd 1 uur 's nachts) worden wij voor ons geduld beloond met een zakje (4 gram) overjarige gedroogde, zwaar stinkende visflinters en een blikje lauwe ranja. En dan maar hopen dat ze in Xian de landingslichten nog niet hebben uitgedaan. Of zou dat voor een 2e hands Toupolev niet uitmaken? Maar dan surprise, surprise staat bij aankomst na 10 uur vertraging onze lokale gids ons op te wachten alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. En dat is het dan ook! Geen omkijken naar de koffers ook. Die staan 's ochtends keurig naast onze deur in het hotel. Hoe moet dit land met hun communicatiesysteem ooit zaken doen met het westen? De treinen zijn weliswaar stipt, maar wie wil er in reizen? De bevoorrechte reiziger zoals wij mag (!) 'soft seats' reizen.
In de nachttrein, die wij nemen naar Datong zijn inderdaad echte 4-persoons couchette coupe's. Met lakens! Maar de zegeningen van oma en ARIEL zijn voorlopig nog aan dit land voorbij gegaan. Gatsie, wat een smerige, grauwe, stinkende vodden, vol gruis, zand en veel erger (de Chinezen rochelen en spugen op iedere plek en ieder moment). Slaap lekker!
Totdat de vrouwelijke conducteur je komt wekken door letterlijk (!) zeer energiek de lakens onder je vandaan te trekken. Niet echt een verfijnd volkje! Dus dan maar de telefoon gepakt voor de communicatie? Moet kunnen! Voldoende telefoons, maar helaas geen lijnen. Ook het businesscenter van het Beijing International Hotel, uitgerust met veel marmer en meerdere in China zelf in elkaar gefabriekte 'Great wall' computers kent de zegeningen van een werkende telefoonlijn maar heel zelden. Met de auto dan? Taxi? Kan. Maar alleen te reserveren vanuit grote hotels. Dus niks even taxi bellen of aanhouden op straat. En 'privé'-auto's alleen voor hoge bonzen. In Peking heb ik het genoegen uitgenodigd te zijn door zo een zeldzaam fenomeen (maandinkomen: f l50,-!).
Samen zitten wij op de groen pluche achterbank van zijn stokoude Staats-Wolga. Jammer dat zijn collega's wegens rangverschil een uur op de fiets moeten naar het restaurant van zijn keuze, waar wij gezamenlijk eten (Wat eten wij vanavond?, helaas weer gemarineerd kwal met kool en gekookt snot. Maar er is ruimschoots voldoende en de gastheer schept ons nog eens genereus op!).
Blijft over als communicatiemiddel gewoon praten. Zoals vanmorgen bij het zoeken naar de ontbijtzaal. 'Where is breakfast?'. 'Effe lunch?'. 'No not effe lunche maar bréakfast'. 'Yes effe lench, filst frowl'. 'French (group) on first floor, you mean?'. 'Yesse' . (Wij zijn omdat wij via Parijs geboekt hebben French). 'Coffee sir? Brack or with mirk?'. Ons kan het niet schelen want het is toch niets anders dan bruin water. Wellicht is schrijven de oplossing van het oost-west communicatie probleem? De instructies in het hotel geven hierover uitsluitsel want hoe krijg je de was gedaan? "Leave to the floor service des! The previous right. This way you get it the next day". Wij wagen het er toch op. En, verdomt; stipt de volgende dag klaar. Gisteren bezochten wij in Shang-hai een goed functionerende fabriek waar complete digitale telefooncentrales gemaakt worden. Twee dagen na ons bezoek aan een stoom (!) locomotief fabriek (over contrasten gesproken!). De verbazing houdt geen moment op.
Ils sont rous, les Chinois!
Eckart, uw correspondent in China, in de trein tussen Suzhou en Hangzhou.

