Weg met het materialisme! Lang leve de winst!
Zakenman, milieufilosoof en multimiljonair Eckart Wintzen
Hij liet zijn automatiseringsbedrijf BSO/Origin (omzet bijna één miljard) fuseren met Philips. En sindsdien rijdt-ie in zijn Twingootje door het land om ondernemers te helpen. Dat wil zeggen: ondernemers die een visie hebben op hoe het verder moet met het milieu en de derde wereld. Maar die wél winst willen draaien.
Volgens multimiljonair Eekart Wintzen moet het bedrijfsleven het roer helemaal omgooien, willen we de volgende eeuw overleven.
'Ik wil winnen. Daarom probeer ik de regels van het economische spel te veranderen. Dan worden auto's langzaam maar zeker zo duur dat ze verdwijnen." Door Hélène Schilders Fotografie: René Bouwman
Elke ochtend om kwart over acht zet Eckart Wintzen in zijn boerderij de computer aan. Langzaam, want lezen gaat hem niet zo makkelijk af, neemt hij zijn e-mail door. Vanuit de hele wereld sturen mensen hem elektronische post. 'Ik heb een bedrijf in zonne-energie. Graag zou ik de derde wereld hiervan voorzien,' schrijven ze. Of: 'Ik wil de berggorilla in Oeganda voor uitsterven behoeden. Kunt u mij helpen?"
Nadat Wintzen alle berichten heeft geprint, loopt hij met gehaaste pas naar zijn stoffige Renault Twingo en rijdt naar zijn kantoor, een kasteel met ophaalbruggetje en uitkijkgaten, dat in een beschermd natuurgebied in Doorn ligt. De zacht gekleurde wanden in het kasteel zijn behangen met moderne kunst, in de kamers staan lange houten tafels met oud leren fauteuils. Terwijl het haardvuur in zijn kantoor brandt, drinkt Wintzen een kopje eikeltjesthee (kruidenthee. "maar alleen eikels drinken dat) en neemt met zijn secretaresse Daan alle aanvragen door. 'Ja' krabbelt hij op het papier. of 'lief afzeggen'. Het hele ritueel neemt nauwelijks tien minuten in beslag.
Ik beslis op intuïtie en ervaring," legt Wintzen uit. 'Allereerst moet ik de mensen leuk vinden die het project doen. Verder geef ik alleen water aan de plantjes die het gaan redden. Kijk, zo'n handgeschreven brief met een gefröbeld blaadjes erbij is z6 lief, maar ook z6 amateuristisch. Ik kan die mensen wel uitleggen hoe het moet, maar zo zijn er nog 200.000. Ten derde help ik alleen de bedrijven die ook winst willen maken. De tijd is voorbij dat we als zendelingen met goede bedoelingen, de bijbel in de hand en een paar centen op zak een school gingen bouwen. Als je geen winst maakt. kun je je zaak na een jaar sluiten. Maar waar het dm gaat, is dat je niet je idealen en integriteit verkwanselt voor een groter financieel gewin."
Wie aan al deze voorwaarden voldoet. wie een 'ja' krijgt gekrabbeld op zijn e-mail of brief, kan rekenen op advies en/of een financiële investering van Wintzen. Source, een tijdschrift 'voor verantwoord ondernemen', krijgt zijn steun, evenals het reisbureau Multatuli Travel dat samenwerkt met inheemse volkeren, en Pept'immune, een Amerikaans bedrijf dat licenties heeft voor het kunstmatige eiwit Peptide T, waarmee mogelijk ziektes als aids, Alzheimer en MS kunnen worden bestreden. In totaal werkt Ex'tent (Eck's tent). waarvan Wintzen 'hoofd chaos' is, voor twintig bedrijfjes met een sociaal-maatschappelijke of ecologische doelstelling.
Om zich ervan te verzekeren dat alles in goede banen loopt. is Eckart Wintzen elke dag van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat druk in de weer. Hij doorkruist als een maniak het hele land om zijn projecten te bezoeken. schrijft brieven en ontvangt bezoekers wiens plannen hij bij het haardvuur bespreekt.
Als je hem vraagt waarom hij zich zoveel werk op de hals haalt. waarom hij niet op zijn lauweren rust, want dat zou hij als multimiljonair toch ook kunnen doen, antwoordt hij: "Vrije tijd is niet leuk zonder een doelstellinkje, of het nou zeilen is of postzegels verzamelen of een hole in one scoren met golfen. Ik heb er plezier in om bedrijven te steunen waarvan ik zeker weet dat ze een hole in one gaan maken. Het is toch leuker om, voordat je het graf ingaat, te zeggen dat je iets zinvols hebt gedaan dan dat je alleen veel geld hebt verdiend?" Als je hem vraagt waarom hij altijd zoveel haast heeft - hij is toch eigen baas? - zegt hij: "Ik moet hinderlijk veel van mezelf. Ik ben bijvoorbeeld altijd op lijd. Dat gaat zelfs zo ver dat ik op vakantie een schema voor mezelf uitstippel. Als ik dan vijf minuten achterloop, word ik al zenuwachtig. Het is een dwangneurose, zoals anderen in hun blote kont over straat moeten rennen. Maar de dingen waarmee ik bezig ben, moeten af."
Want al die bezoeken. besprekingen, brieven en projecten zijn onderdeel van een groter plan: Eckart Wintzen ( 57 ) heeft zich ten doel gesteld om binnen twintig jaar het milieu te redden. En daarvoor moet de bezem door de hele wereldeconomie.
"Kutzooi!" De Renault Twingo komt abrupt tot stilstand. We staren naar een lange rij stilstaande auto's voor ons. "Kutzooi!" roept Eckart Wintzen enigszins geaffecteerd uit. zoals hij dat elk uur wel een keer doet, ongeacht wie erbij is. Hij fronst zijn dikke wenkbrauwen. waardoor de lange, woeste haren voor zijn brillenglazen krullen.
We zijn op weg naar Delft, waar het Amerikaanse ijsmerk Ben & Jerry's een vestiging heeft. Oprichters Ben Cohen en Jerry Greenfield zijn ter promotie overgekomen. Omdat de hippies uit Vermont allebei net 46 zijn geworden, heeft Wintzen een feestje voor hen georganiseerd.
Hij heeft de meerderheid van de aandelen in de importmaatschappij voor Nederland en België van het ijsmerk. Wachtend in de file legt hij uit waarom: Ben & Jerry's schenkt 7,5 procent van de bruto winst aan plannen voor sociale veranderingen en betrekt ingrediënten van Braziliaanse indianen. kleine boeren en een project voor armen.
"Zo'n bedrijf brengt aan de klant over dat ze met iets bezig zijn dat hun hart beroert." zegt Wintzen. "En het gekke is: dat proef je aan hun ijs. Ik geloof in positieve energie en met mij vele anderen. Mensen zoeken weer naar warmte en hebben in toenemende mate geld over voor producten die hun dat geven."
Wintzen vindt het "terecht'* dat het publiek bedrijven wantrouwt die hun naam aan een goed doel verbinden. zoals een recent onderzoek van bureau Inter/View uitwees. 'Voor een heleboel bedrijven is het alleen een marketing-trucje. Je kunt voelen of het oprecht is bedoeld. Aan de manier waarop zo'n onderneming zich presenteert. waarop de mensen in dat bedrijf met elkaar omgaan."
In Delft staat het plein voor de ijswinkel van Ben & Jerry's vol met mensen. Een gitarist zingt liedjes uit de jaren zestig. Ais de twee Amerikanen komen aanslenteren, barst de menigte uit in Happy Birthday To You. Ben en Jerry zetten handtekeningen en nemen cadeaus in ontvangst.
Ze begonnen in 1978 ijs te verkopen nadat ze het hadden leren maken via een schriftelijke cursus van vijf dollar. Ondanks de scepsis van andere bedrijven, die zeiden dat hun sociale bedrijfsvoering onmogelijk winst kon opleveren, groeide Ben & Jerry's uit tot een multinational met een omzet van 160 miljoen dollar per jaar. De ijsmakers kregen dan ook veel navolging. Inmiddels bestaan er zelfs complete netwerken, zoals het Social Ventures Network. van bedrijven die tegenwicht willen bieden aan de bikkelharde multinationals.
Ook Wintzen is een web van gelijkgestemden aan het spinnen. Zijn adressenbestand bevat 3500 namen, waaronder die van ministers en captains of industry, maar ook van astrologen, journalisten. acteurs, idealistische jongeren en futuristen als Hazel Henderson. Het samenbrengen van mensen uit dit bonte gezelschap om met hen ideeën te genereren. beschouwt Wintzen als zijn voornaamste bijdrage aan een betere wereld. Behalve over het milieu brainstormt hij over de infrastructuur, derde-wereldproblematiek en, voor minister Jorritsma, over de elektronische snelweg.
Wintzen wordt om zijn ideeën bewierookt. "Ze zijn zo vernieuwend, zo verdomd goed," zegt Henk Cohen die met Wintzen heeft samengewerkt. "Hij denkt voortdurend na over veranderingen in de samenleving."
"Eck vindt het erg leuk om aandacht te krijgen met hele eigenwijze praatjes," vertelt Ron Meijer, creatief directeur van reclamebureau Imagine. "Hij praat liever in zijn bloemetjesvest voor strakke pakken dan dat hij voor eigen parochie preekt."
1n alle comités waarin ik zit, heb ik de rol van enfant terrible," verklaart Wintzen. "Ik vind het leuk om andere oplossingen te bedenken, daarom probeer ik altijd die vraag te stellen die men vergeet, de vraag die een kind van vier stelt: waarom? Je moet er nooit vanuit gaan dat iets op een bepaalde manier moet worden gedaan omdat het altijd zo is gedaan."
Toen hij nog president was van het automatiseringsbedrijf BSO/Origin, liet hij op een van zijn bedrijfsfeesten, in een oude energiecentrale in Rotterdam, de big shots van het bedrijfsleven schofferen en van loket naar loket sturen, onder toezicht van bewakers te paard. Wintzen wilde de "bovenbazen" persoonlijk laten ervaren hoe het is om in een hiërarchie te werken.
Zijn wijze van ondernemen was al even onconventioneel. Hij bedacht de cel-theorie: mensen presteren het beste in kleine eenheden met eigen verantwoordelijkheid. Zodra er meer dan zeventig mensen bij een werkmaatschappij werkten, moest deze zich opsplitsen.
In de jaarverslagen van BSO/Origin plakte Wintzen theezakjes en pleisters, en in 1989 bracht hij een verslag voor kinderen uit. Het meest spraakmakend was echter het milieujaarverslag, waarin hij had opgenomen hoeveel schade zijn bedrijf de natuur had toegebracht. Een deel van dat bedrag betaalde BSO/Origin terug door onder meer een ecologische managementscursus te financieren.
Het uitzendbureautje voor programmeurs en systeem-analisten groeide zo in twintig jaar uit tot een internationaal bedrijf met 6500 werknemers in 24 landen en een omzet van bijna één miljard gulden. Daarin kon Wintzen echter niet aarden. "Een groot bedrijf leiden vereist meer dan leuk zijn en een visje hebben," merkte een BSO'er op. Wintzen stelde een opvolger aan, Henk Cohen, die meteen mensen moest ontslaan." Eckart wilde dat niet," zegt Cohen. "Daar is hij een veel te lief mens voor."
Vorig jaar, toen BSO/Origin fuseerde met Philipsdochter C&R trad Wintzen terug en werd lid van de raad van commissarissen. -Aan het eind werkten er 11.000 mensen bij BSO," verklaart hij. "Dan beginnen ze machtsspelletjes te ontdekken. Dat is het laatste waar ik in mijn leven behoefte aan heb."
Zijn grootste verdienste, zeggen sommigen, is dat hij de aanzet heeft gegeven tot een bewustzijnsverandering in het bedrijfsleven. Het is de eerste fase van zijn twintig-jarenplan om het milieu te redden.
Gesprek in de Renault Twingo, op de Al 2 van Delft naar Doorn. Wintzen, in zijn eeuwige spijkerbroek en blouse: "Ik doe alleen voor een begrafenis nog een das om. Verder voor niets en voor niemand."
"Als ik een lening nodig had van de bank en mijn toekomst hing ervan af, deed ik zonder problemen die stropdas om," zeg ik.
"Ik niet. Jij doet een façade voor. Ik zou als bank liever iemand hebben die zichzelf is."
"Jij werkt niet bij een bank."
"Dan heb je de verkeerde bank en moet je net zolang zoeken tot je de goede hebt. Hoe is trouwens dat idee van die pakken ontstaan?"
"Al sla je me dood."
"De etiquette moet veranderen. De Rabobank verwacht dat boeren een pak dragen als ze een lening komen aanvragen. Ik verwacht dat het personeel van de Rabobank een boerenkiel aantrekt. Pakken en dassen zijn vollédig uit de tijd. Het enige criterium vind ik dat je niet stinkt. Dat moet je voor je medemens wel over hebben."
Vraagtekens zetten, dat heeft hij geleerd van zijn vader. Een origineel denker die nooit anderen nakletste. Maar ook de enige persoon voor wie hij wel eens bang is geweest. "Hij stelde hoge eisen aan mijn cijfers. Daar leed ik onder, want ik kon niet goed meekomen." Zijn opvoeding was Spartaans, zijn vader liet hem een kasboek bijhouden. Zakgeld kreeg hij pas weer als "de winst- en verliesrekening" klopte. Schoolfeesten mocht hij zelden bezoeken. Te mondain en vulgair, vonden zijn christelijke ouders.
Beiden waren huisarts. In 1933 waren ze vanwege Hitler uit Duitsland vertrokken om in Den Haag te gaan wonen. Daar werd Eckart Wintzen vlak voor de Tweede Wereldoorlog geboren. Als elfjarige kwam hij op het gymnasium terecht. "Zes jaar lang moest ik naar dat oude. grijze gebouw waar de rector ons in de hal met strenge blik opwachtte. Elke keer was het afwachten of hij mijn naam riep. Wintzen!' Had ik mijn jasje niet op de haak gehangen of een onvoldoende voor Latijn gekregen of op een trap gelopen waar je niet mocht komen. Moest ik weer drie uur nablijven."
Op de universiteit begon het leven voor hem. Elke vrijdag open huis. Zijn studie wis- en natuurkunde heeft hij dan ook niet gehaald. Het verklaart wellicht zijn latere geldingsdrang. "Als anderen wel slagen, wil je laten zien dat je niet minder bent."
Als student was hij een Leidse corpsbal, een "politieke onbenul." zegt hij. Hij raakte pas geïnteresseerd in linkse denkbeelden toen hij in het Duitse Darmstadt ging wonen om Europees ruimte-onderzoek te doen. Omdat hij een vriendin de gasten voor een van zijn feestjes had laten uitnodigen, zat zijn huis opeens vol met links-extremisten. "Honderden uren" discussieerde Wintzen met zijn nieuwe vrienden. die hem als onderdeel van de gevestigde orde nooit helemaal accepteerden, over de nadelen van het na-oorlogse Wirtschaftswunder en de daarbij behorende overdadige consumptie. "Doe me één plezier, hou daar nou eens over op!'* roept hij uit als je de naam Ulrike Meinhof laat vallen. "Ik heb dat mens een paar keer gesproken, zij zat er gewoon bij."
Haar manier om de overconsumptie te bestrijden -het plaatsen van bommen in warenhuizen met de Baader Meinhof-groep keurde Wintzen niet goed. "In dit geval heiligde het doel de middelen niet. het was gewoon terrorisme." Hij heeft weinig vertrouwen in revolutionaire acties, is er ook het type niet voor. "Ik ga liever aardig met mensen om." Zijn methode is de evolutionaire: "Niet alleen de producent moet worden aangepakt, maar ook de consument. Die moet gaan inzien dat hij zelf anders moet handelen."
Daarom is Wintzen voor de consument Het Boek aan het schrijven, waarin hij uitlegt hoe de groeiende consumptie kan worden ingedamd. De komende twintig jaar, betoogt Wintzen, moet op materiële producten geleidelijk steeds meer belasting worden geheven totdat die net zo hoog is als de schade die door het maken van het product aan het milieu is toegebracht. Onttrokken waarde, noemt Wintzen dat. Producten worden op die manier zo duur dat de consumptie afneemt, waardoor bedrijven minder en vooral milieuvriendelijker gaan produceren.
Evenredig aan de verhoging van belasting op producten moet de heffing op lonen worden verlaagd. Het belasten van arbeid wordt toch een onmogelijke zaak in een informatiemaatschappij waarin diensten via Internet internationaal worden aangeboden. verwacht Wintzen. Goedkopere krachten zullen volgens hem leiden tot een afname van de werkeloosheid en een verschuiving van consumptie naar dienstverlening. Zelf geeft Wintzen privé werk aan vijf mensen: "Een tuinman, een tuinmannetje om de bladeren aan te harken. een jongen voor het gras, een schoonmaakster en een jongen die elke week het hele huis vol bloemen komt zetten.
"Ik geef mijn geld liever daaraan uit dan aan auto's of kleren. Welbevinden zit niet in een nieuwe auto. Maar dat is in't Westen wel onze definitie van geluk: morgen meer dan vandaag en ik meer dan mijn buurman. Dat geldt voor zowel werknemers als aandeelhouders. Zo houden we het systeem in stand. Ik heb geen medelijden met mensen die klagen dat de wereld zo hard is. Je kunt je er ook tegen verzetten. Zelf ben ik drie keer ontslagen omdat ik onhoudbaar was in het systeem. Ik heb me nooit laten leiden door geld, maar door mijn vrijheidsdrang."
Die avond is er een brainstorm in zijn boerderij met de organisatie van War Child. die van Wintzen wil weten hoe je sponsors in het bedrijfsleven moet werven. Hij heeft een pastaschotel bereid. Tijdens het eten luistert hij geconcentreerd om daarna in bulderend gelach uit te barsten of kernachtig advies te geven: "Bij eik bedrijf waar je binnenkomt, moet je drie contacten vragen. Ze hebben altijd een old boys nerwork waarmee ze indruk op je willen maken." En: "Mik op de grootste lullen! Zij willen juist dit soort werk sponsoren als schaamlap voor hun kilte.'
Na afloop zijn er joints en Led Zeppelin. Als ik Wintzen vraag of hij niet gewoon een excentrieke miljonair is, reageert hij beledigd. "Dat vind ik domme praat. Daarbij denk ik aan iemand die zwarte panters koopt, aan die rare lui die zich Prince de Lignac noemt en bij wie de behoefte om iets na zijn dood achter te laten nu] is. In dat rijtje zou ik mezelf niet willen zien."
Opgewonden: 1k zie dat we met grote vaart afstevenen op de vernietiging van natuurlijke bronnen en het maakt me kwaad dat daar zo licht over wordt gedacht. Omdat we ons vermenigvuldigen als sprinkhanen. verwoesten we tientallen plantenen diersoorten per dag. Daarbij hanteren we een economisch model dat nog meer schade toebrengt. Van het bruto nationaal product is slechts tien procent nodig om te overleven. Dan hebben we allemaal twee spijkerbroeken, vegetarisch eten en iets van een huis. Als je het zo bekijkt. is economie een spel om onszelf te amuseren. Maar we kunnen elkaar beter de keel afsnijden bij Monopoly."
Om eraan toe te voegen: Ik ben ook een zondaar hoor. In deze boerderij woonden voor de oorlog twee gezinnen met ieder zes kinderen." Hij bezit zelfs aandelen in een autolease-maatschappij. "Je zult mij niet zien in een actie tegen Shell, hoor. Ik hang zelf toch ook die slang in mijn auto!" roept hij uit.
Die merkwaardige mengeling van hippie- en corpsbal-ideologie is kenmerkend voor Wintzen, maakt hem ongrijpbaar, roept soms meer vragen op dan er worden beantwoord. "Hogere Eckart-kunde." noemt zijn secretaresse zijn tegenstrijdige gedrag spottend. Zijn critici vragen zich af hoe oprecht zijn bedoelingen zijn en beschuldigen hem ervan dat zijn milieugevecht enkel dient ter verheerlijking van hemzelf.
"Calvinistisch," noemt Wintzen de kritiek en schuift naar het puntje van zijn stoel. 1k zal vast wel het goede voorbeeld moeten geven, maar waarom moet alleen ik naar mijn opvattingen leven? Waar om jij niet? Als ik in mijn eentje volgens mijn regels speel, verlies ik het spel. En ik ben geen Don Quichote. Ik wil winnen. Daarom probeer ik de regels van het economische spel -de fiscale wetgeving- te veranderen. dan volgt de rest vanzelf. Dan worden auto's langzaam maar zeker zo duur dat ze verdwijnen. Dat heeft veel meer effect dan dat Eckart Wintzen op de fiets gaat."
Om die reden verkeert Wintzen in het gezelschap van politici, industriëlen. de president van de Club van Rome en prins Charles (al zal hij zelf geen namen noemen, want in dergelijke kringen "overschrijd je die grens niet. Het zijn mensen die de macht hebben om veranderingen door te voeren, in Wintzen-terminologie: "Mensen met een hefboom." Daar hoort ook Shell bij, al is dat bedrijf medeverantwoordelijk voor de executie van Ken Saro-Wiwa. nota bene een milieu-activist. "Ja, dat was génant," mompelt Wintzen. "Maar ik heb de gevestigde orde nodig. Die wil ik niet tegen de schenen schoppen, want dan heb je een ongelooflijk grote kracht tegen je. Als de gevestigde orde naar één soort mensen luistert, is het naar mijn soort. Ze weten dat ik hun wereld ken, ik kan mijn plan uitleggen in hun termen, ik begrijp hoe het beslissingsproces werkt. Dat maakt mij geloofwaardig."
Wilde handgebaren: "Ik zie het model voor me waarmee de mammoettanker kan worden gestopt! Het is een pijnloze oplossing, alleen weet de gevestigde orde dat nog niet. Dan kan ik er wel op los gaan slaan, maar daarmee bereik je niets. Ik ben van de ju-jitsu: meebuigen en dan de kracht van de tegenstander gebruiken om terug te slaan."
Natuurlijk neemt niet iedereen hem serieus, zegt hij. "Maar ik plant wel zaadjes van twijfel in andermans wereldbeeld."
Zelf is hij ervan overtuigd dat zijn plan haalbaar is. Maar de vruchten zal hij er in zijn leven niet meer van plukken. stelt hij nuchter vast. "Hoogstens zie ik eindelijk iemand aan het stuur van de mammoettanker trekken. Dan ben ik tevreden."
Zoveel werk voor zo weinig resultaat. Kun je dan over twintig jaar toch rustig doodgaan? vraag ik. "Ja hoor," zegt Wintzen. "Het is net als met die sportman die, nadat hij de benen uit zijn lijf heeft gelopen, toch maar derde wordt. 'Vind je dat nou niet erg?' vragen journalisten dan. 'Nee,' zegt die man, . want ik heb alles gegeven wat ik had."

